Posts tonen met het label beetgum. Alle posts tonen
Posts tonen met het label beetgum. Alle posts tonen

woensdag 21 mei 2025

Grafkelders familie Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg te Beetgum

Kerk
De kerk van Beetgum werd gebouwd in 1669 - 1672 op de fundamenten van een kerk die in 1669 was afgebroken en die gewijd was aan de Heilige Martinus. 

Behalve een grafkelder is er in de kerk o.a. ook nog een oud epitaaf in de kerk van de verre voorvader Johan Onuphius baron thoe Schwartzenberg (1513-1584) en zijn vrouw Maria van Grombach (ca. 1520-1564). Ook aan de buitenkant zijn er diverse teksten en wapens van deze familie te zien, die daarmee uiting gaf aan hun machtspositie.

Oude grafkelder
Onder het koor bevindt zich de oude grafkelder uit de 16e eeuw van de familie Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg, de initiatiefnemer tot de bouw van de kerk. De grafkelder is afgedekt door stergewelven.

Bijzonder is dat deze oude grafkelder in de kerk te bezichtigen is. Dit kan sinds de laatste grote restauratie van 1972-1980, toen de grafkelder opgeknapt en toegankelijk is gemaakt. De huidige koster, Klaas Abe Kamstra, heeft de oude toestand nog gezien.
Er is toen besloten om een nieuwe kist te maken, waarin de restanten van oudere kisten bij elkaar zijn gevoegd. De originele toegang met een gemetseld trapje is nog steeds aanwezig, maar hiervoor moet dan een zware deksteen verwijderd worden. In de praktijk kiest men er dan voor om een houten trapje er naast te plaatsen.

Omdat het begraven in kerken vanaf 1829 officieel werd verboden, zal de familie hebben bedacht om de ingang van de kelder te verplaatsen. De oude ingang zat, zoals gebruikelijk, in de kerk en de nieuwe werd net buiten het koor gesitueerd. Deze oplossing kon eigenlijk alleen als de grafkelder zich in het koor van de kerk bevond. Deze plek was meestal voor de belangrijkste familie bedoeld en dat was in dit geval uiteraard de familie Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg.

Van dit plan is alleen het bestek in het archief gevonden, dus een bewijs dat de oude grafkelder op deze wijze van buiten af toegankelijk is gemaakt is er nog niet. Dat zal bouwtechnisch, of via archieven, nog moeten worden uitgezocht. 

De eerste bijzetting in deze nieuwe situatie was dan in 1833, toen een dochter van Georg Frederik werd bijgezet. In totaal zouden er tussen 1833-1858 zo'n 10 personen via deze nieuwe toegang in de oude grafkelder zijn bijgezet.

Nieuwe grafkelder
Op het kerkhof is, vlakbij het koor, in 1858 een grote nieuwe grafkelder gemaakt, die nog steeds in gebruik is. In 2015 heeft Agnes Marie Charlotte Andreae hier haar laatste rustplaats gekregen.

In de kelder was een bordje aanwezig waarop de bouw van deze grafkelder staat vermeld: '1858 is deze grafkelder gemaakt door de firma S. Reisma', de lokale aannemer.
Op foto's van 1996 is te zien dat het om een grote grafkelder gaat, waar kisten op meerdere niveaus kunnen worden geplaatst. 
De kans is groot dat bij de bouw van deze kelder, de oude doorgang naar de grafkelder in de kerk weer is afgesloten.

Georg Frederik thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg
Circa 1830 laat Georg Frederik thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (1791-1868) een bestek en tekening maken voor bovengenoemde verbouw van de familiegrafkelder.
Deze Georg Frederik was grietman van Menaldumadeel van 1816-1851 en vervolgens burgemeester van dezelfde gemeente van 1851-1858.
Hij woonde nog op het majestueuze Groot Terhorne te Beetgum, welke al sinds de 16e eeuw continu in familiebezit was. 

Maateenheden
In deze stukken komen diverse maten voor, die nu niet meer gangbaar zijn. 
Vandaar eerst even een verklaring van deze begrippen

Een el was 69,4 centimeter
Een palm was 10 centimeter
Een duim was ca. 2,5 centimeter.


maandag 17 februari 2020

Friese kapiteins (46) : Hessel Hotzes van Aysma


Friese kapiteins (46) : Hessel Hotzes van Aysma

In deze serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden.
Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie meestal nog niet eerder een minibiografie is verschenen.


Achtergrond
De familie Van Aysma behoorde oorspronkelijk tot de eigenerfde families en hun stamhuis Aysma State stond in Beetgum.
Door huwelijkspolitiek werden ze opgenomen in de Friese adel.
Tieth van Herema trouwde Hessel van Aysma, maar na zijn (vroege) overlijden hertrouwde ze met Gerben Lauta. Uit haar eerste huwelijk verkreeg zij Aysma State, die later overging op haar zoon uit het tweede huwelijk: Hessel Lauta van Aysma.
Dit betekent dat de familie Van Aysma feitelijk van de de adellijke familie Lauta afstamt. Veel afstammelingen hebben zich dan ook Lauta van Aysma genoemd, alhoewel dit zeker niet consequent gebeurde. Sterker nog: de naam Lauta verdween als zelfstandige familienaam in het geheel en de meeste nakomelingen gingen zich alleen Van Aysma noemen.
Hessel werd omstreeks 1580 geboren als zoon van Hotze Hessels van Aysma (ong. 1550-1603) en Lolck Scheltesdr. van Aysma (1553-1593).
Zijn vader, die lid was van de Admiraliteit van Dokkum, bewoonde de aloude familiestate Aysma State te Beetgum en de kans is groot dat hun kinderen hier werden geboren.
In 1601 studeerde Hessel aan de universiteit van Franeker.

Op 12 oktober 1634 trouwde Hessel met de edelvrouw Trijn Sijbrensdr. van Walta.
Zij was een dochter van de kapitein Sijbren van Walta en Tjets van Holdinga, die op het gehucht 'De Vlaren' bij Bozum woonden.
Trijn was eerder gehuwd met kapitein en de latere grietman Gijsbertus Arents van Arentsma (1597-1631). Ook haar tweede man, onze Hessel van Aysma, overleed kort na het huwelijk, waarna ze opnieuw huwde met grietman Johan van Aylva.
Zij woonden te Oudkerk, vermoedelijk op De Klinze.

Uit het huwelijk van Hessel en Trijn werd slechts één zoon geboren, die naar zijn kort tevoren overleden vader werd vernoemd.
Deze Hessel junior, geboren in 1637, trouwde later met Hester van Loo. Hij liet later het nog bestaande Aysma State in Oudkerk bouwen, nu bekend onder de naam De Klinze.

Militaire carrière
Op 16 mei 1616 werd Hessel aangesteld als vaandrig in de compagnie van kapitein Frans van Humalda, welke overigens met een Van Osinga uit Schettens was gehuwd net als Hessel zijn bekende broer, Schelte van Aysma.
Hierna zal hij ongetwijfeld luitenant zijn geweest, maar deze benoeming is (nog) niet gevonden.
Op 1 juli 1625 wordt hij benoemd tot kapitein van de compagnie van de kort daarvoor overleden sergeant-majoor Jan Sageman uit Bolsward.
In 1628 zat Hessel met zijn compagnie in de Ommerschans, maar werd toen gelast om zich naar Bedevoort te verplaatsen.
In 1630 moest hij kapitein Slijp te hulp schieten, die in Hattem wel wat hulp kon gebruiken aangezien de Spaanse vijand dreigde het gebied te veroveren.
In 1632 was hij aanwezig bij het beleg van Maastricht, waar zijn luitenant Rienck van Sytzama op 8 oktober kwam te overlijden.
Ook werd daar van een soldaat van hem het hoofd door een kanon eraf geschoten, aldus de kroniekschrijver en kapitein Poppo van Burmania.
In januari 1633 liep Hessel mee in de lijkstatie van de overleden Friese stadhouder Ernst Casimir.
Later dat jaar lag hij in garnizoen te Bolsward.
In 1635 kreeg hij orders om van Sneek naar de Langackerschans te marcheren, waar hij als (derde) Commandeur werd aangesteld.
Opvallend is dat juist zijn broer Schelte hiervan de eerste Commandeur was geweest, waarna die drie jaar lang door de Groninger kapitein Ernst van Isselmuden werd opgevolgd. Volgens de overeenkomst tussen Friesland en Groningen werd deze belangrijke functie telkens beurtelings ingevuld door Friese en Groninger kapiteins.
In 1636 overleed Hessel en de kans is dan ook aanwezig dat hij in de Langackerschans is overleden.


Tekening van de Langackerschans 
(door I. Blaeu getekend in 1649, Beeldbank Groningen)


Familiewapen
 

Familiewapen Lauta van Aysma
(Stamboek van den Frieschen Adel)

Adelserkenning
In 1825 verkregen twee leden van deze familie de adellijke titel jonkheer, omdat ze konden aantonen dat de Aysma's tot de oude Friese adel behoorden.
Bij Koninklijk Besluit van 9 mei 1825 werden Jacob Lauta van Aysma en zijn broer Adriaan Hendrik Lauta van Aysma opgenomen in de Nederlandse adel. Hierbij hoorde ook een afbeelding van het familiewapen te worden overlegd. Zij lieten een nieuw wapen registeren, waarin de twee wapens van Lauta en Aysma werden gecombineerd tot één nieuw wapen, die alleen door hun nakomelingen mochten worden gevoerd.

Bijdrage in Album Amicorum



Bijdrage van 'Hesselus ab Aysma',
gemaakt in mei 1604 in het Album Amicorum van de latere 'dr' Suffridus Saarda
Tegelijk schreef ook zijn broer Focke een bijdrage in hetzelfde album.

Doodsbaar
In het koetshuis van Fogelsangh State te Veenklooster, hangt een grote en zware doodsbaar. Deze is oorspronkelijk afkomstig van De Klinze te Oudkerk, maar is in de 20e eeuw overgebracht naar Veenklooster.
Het heeft drie wapens op de zijkant, namelijk die van Aysma en Walta en daartussenin het wapen van Sminia.
Blijkbaar heeft deze baar toebehoort aan Hessel van Aysma en Trijn van Walta, die toen te Oudkerk woonden.
Het familiewapen van Sminia is zichtbaar later aangebracht en omdat zij de nieuwe eigenaren van de Klinze waren zullen zij deze baar nog vaak hebben gebruikt.

De wapens op de Aysma lijkbaar (eigen foto).


Familieleden in het leger
  • zijn zoon Hessel van Aysma (1637->1685) was kapitein en ritmeester
  • zijn broer Schelte van Aysma was kapitein en later kolonel
  • veel nakomelingen van deze Schelte werden nog eeuwen lang officier in het leger.
     
Vaandel
niet bekend.

Compagnie nr. 6
* Geb. ong. 1580-
U1636
* Kapitein van 1625-1636
* Voorganger: Jan Sageman
* Opvolger: Adamus van Loo

* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Oudkerk (vermoedelijk De Klinze)


Bronnen / meer informatie
http://www.mpaginae.nl/Nauta/kapiteins.htm
http://www.stinseninfriesland.nl/AysmaState.htm
http://www.mpaginae.nl/At/EC1633.htm

http://digicollectie.tresoar.nl/item.php?object=253&item=1
https://www.beeldbankgroningen.nl/beelden/detail/298256db-04cd-c9d7-e65f-5c05d21496d2
http://buwalda.blogspot.com/2017/06/doodsbaar-van-hessel-van-aysma-te.html


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.

Friese Nassause Regiment
Kapitein

  1. Jacob van Roussel
  2. Adriaen Slijp
  3. Bonifacius van Scheltema
  4. Ludolf Potter
  5. Frans van Roussel
  6. Abbe van Bootsma
  7. Jan Sageman
  8. Juw van Eysinga
  9. Frans Harinxma van Donia
  10. Lolle van Ockinga
  11. Taecke van Hettinga
  12. Frans van Cammingha
  13. Wigle van Hania
  14. Arent van Arentsma
  15. Wopcke van Herema
  16. Willem van Inthiema
  17. Ids van Eminga
  18. Seerp van Dijxtra
  19. Sybren van Walta
  20. Tiete van Galama
  21. Jacques van Oenema
  22. Sybe van Aylva
  23. Jan van Burmania
  24. Juw van Harinxma
  25. Jarich van Hottinga
  26. Epe van Heemstra
  27. Damas van Loo
  28. Douwe van Andringa
  29. Rienck van Dekema
  30. Ruurd van Feytsma
  31. Binnert van Heringa
  32. Wybren van Roorda
  33. Johan van Bonga
  34. Idzart van Grovestins
  35. Frans Aebinga van Humalda
  36. Hans van Oostheim
  37. Jan van Idsaerda
  38. Gosewijn van Wiedenfelt
  39. Tjalling van Sixma
  40. Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg
  41. Doecke van Hemmema
  42. Philip van Boshuizen
  43. Harmen van Wonsdorp
  44. Willem van Haren
  45. Douwe van Glins
  46. Hessel van Aysma

Friese Nassause Regiment
Luitenant
  1. Rienck van Sytzama
Groninger Nassause RegimentKapitein
  1. Boiocko van der Wenghe
Hoogduitse Nassause Regiment
Kapitein

zondag 5 januari 2020

Friese kapiteins (40) : Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg


Friese kapiteins (40) : Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg

In deze serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie meestal nog niet eerder een minibiografie is verschenen.


Achtergrond
De familie Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg is een oud en adellijk geslacht uit Frankenland in Duitsland.
Halverwege de 16e eeuw vestigde de krijgsoverste Johan Onuphrius thoe Schwartzenberg zich in Friesland.
Dit was de periode dat de Nederlanden door de Spaanse koning Filips II werd bestuurd.
Georg Frederick was de kleinzoon van bovengenoemde Johan en werd op 30 november 1607 geboren, waarschijnlijk op Groot Terhorne te Beetgum.
Zijn ouders waren Georg Wolfgang thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (1549-1633) en die zijn 2e vrouw Doedt van Holdinga (1569-1646)

Eind december 1636 huwde Georg met de eveneens adellijke Agatha Tjaerda van Starkenborgh (1620-1670), die erfgenaam was van Herema State te Joure.
Overigens huwden op dezelfde dag ook de oudste broer van Georg, Wilco Holdinga thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg met de oudere zus van Agatha, Jeanette Tjaerda van Starkenborgh. Het was dus een dubbel-huwelijk!

Uit het huwelijk van Georg en Agatha werden drie kinderen geboren: Johan Georg (1637), Georg Wolfgang (1638) en Isabelle Susanne (1639).
De twee zonen hadden net als hun vader een belangrijke militaire carrière, waarbij Georg Wolfgang zelfs kolonel bij de cavalerie werd.
Tragisch genoeg kwamen beide zonen om in het bloedbad van de Slag bij Seneffe in Belgie op 11 augustus 1674.
Dochter Isabelle trouwde in 1685 met een zoon van de Zweedse koning, Gustav Carlsson.
Zij werd de grootste grootgrondbezitter van Friesland en woonde ook op Groot Terhorne.
Op 25 januari 1670 of 1679 overleed Georg Frederick te Beetgum en zal in de kerk aldaar zijn bijgezet. Zijn grafsteen is helaas niet bewaard gebleven. Zijn vrouw Agatha was in 1670 ook al overleden.

Groot Terhorne te Beetgum
'Grootvader' Johan Onuphrius thoe Schwartzenburg en Hohenlansberg trouwde in 1545 met Maria van Grombach en bewoonden Groot Terhorne te Beetgum.
Maria had dit kasteel waarschijnlijk weer geërfd van haar moeder Lucia van Martena, die het op haar beurt weer van haar vader Hessel van Martena had geërfd.
Hessel was de in 1498 bewoner van deze state, toen deze door vetkopers uit Leeuwarden werd verwoest.
Hij liet datzelfde jaar het nog bestaande Martenahuis te Franeker bouwen.
Later heeft hij of zijn dochter Maria de state in Beetgum weer op laten bouwen.
De familie Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg is nog tot 1879 eigenaar van de state gebleven, maar in dit jaar werd het helaas afgebroken.
Vanuit deze state was de familie ook eeuwenlang grietman en zelfs nog burgemeester van Menaldumadeel.

Groot Terhorne te Beetgum
(Tekening: Jan Bulthuis, ong. 1786)


Militaire carrière

Op 4 april 1625 werd hij vaandrig in de compagnie van zijn oudste broer, ritmeester Wilco Holdinga thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg.
Op 24 februari 1631 werd hij kapitein, toen hij Quirijn de Blau opvolgde, die wegens ouderdom zal zijn gestopt.
In januari 1633 liep hij als kapitein mee in de lijkstatie van de overleden Friese stadhouder Ernst Casimir van Nassau-Dietz.
Op 16 januari 1637 werd hij sergeant-majoor, waarbij hij Ludolf Potter in die functie opvolgde die zelf luitenant-kolonel werd.
Op 16 september 1637 werd hij benoemd tot luitenant-kolonel van het 1e Friese Regiment Infanterie, waarbij hij opnieuw Ludolf Potter opvolgde die toen kolonel werd.
Op 3 maart 1639 werd hij door de Friese Staten benoemd als kolonel (over 8 Friese compagnies) van het gezamenlijke Friese-Groningse Regiment.
Dit regiment was toen net opgericht en heette vanaf 1647 weer het (3e) Friese Nassause Regiment.
Op 7 april 1646 werd hij echter kolonel van het 2e Friese Regiment Infanterie, omdat kolonel Jacques van Oenema grietman van Ooststellingwerf werd.
Deze topfunctie heeft hij nog tot 11 oktober 1660 uitgeoefend.
Hierna werd zijn zoon Georg Wolfgang thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg de volgende kolonel van dit regiment.
 


Lijkstatie van de overleden Friese stadhouder Ernst Casimir van Nassau-Dietz, januari 1633.
Ook Georg Frederick liep mee in deze stoet en droeg daarbij de kist samen met de andere kapiteins.


Schilderij


Georg Frederik thoe Schwartzenberg, portret uit 1638 door de 'Meester van de Schwartzenberg portretten'
(boek: Wassenbergh).


Familiewapen
Familiewapen Thoe Schwartenberg en Hohenlansberg
(Stamboek van den Frieschen Adel)

 
Familieleden in het leger
  • zijn broer Wilco Holdinga thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (1598-1668) was ritmeester en kolonel
  • zijn halfbroer Wilhelm Balthasar thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (1580-1639) was ritmeester
  • zijn halfbroer Friedrich thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (ong. 1585-1640) was ritmeester
  • zijn zoon Johan Georg thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (1637-1674) was kapitein, ritmeester
  • zijn zoon Georg Wolfgang thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (1638-1674) was kapitein, kolonel
Vaandel
niet bekend.

 
Compagnie nr. 9
* Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg (geb. 1607 -
U1670/79)
* Kapitein van 1631-1660
* Voorganger: Quirijn de Blau
* Opvolger: Georg Wolfgang thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg

* Hoogste militaire functie: kolonel
* Woonplaats: Beetgum



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.



Friese Nassause Regiment
Kapitein


Friese Nassause Regiment
Luitenant
  1. Rienck van Sytzama
Groninger Nassause Regiment
 
Kapitein
  1. Boiocko van der Wenghe
Hoogduitse Nassause Regiment
Kapitein



Zoeken in deze blog