maandag 23 augustus 2021

Saxo Finia, een belangrijke Fries in Brussel

Supersneuper Hans trof vandaag weer een mooie Friese wapenafbeelding aan in het Album Amicorum van Henricus van der Borch (?-1637), zoals die op de website van Europeana staat vermeld.

Het gaat hier om Saxo Finia, een Fries van geboorte.

De achternaam Finia is meteen al lastig, want deze werd ook wel als Fynia, Phinia, Fijnia, Fijnja, Fyngie, etc. geschreven.
De gehele genealogie Finia is echter nogal incompleet, zo was er voor 1585 ook nog een Sas Finia, die gehuwd was met Tryn Douwes.
De kans is groot dat de Friese naam van deze Saxo dan ook Sas is, en dat bovengenoemde Sas Finia een oom (of grootvader) van hem was.
 

Bijdrage van Saxo Finie 'Frise' in het Album Amicorum van Henricus van der Borch (?-1637), op 11 november 1600 te Douai. 
www.europeana.eu


Deze Saxo Finia heeft een belangrijke rol gehad in de Spaanse Nederlanden.
Hij was namelijk tegelijk secretaris van de (Spaanse) Raad van State (1638-1664) en secretaris van de Geheime Raad (1625-1654).
Voor deze functie woonde hij te Brussel.
Een latere opvolger van Viglius van Aytta (1507-1577), zo zou je deze Saxo Finia dus kunnen noemen.
Immers, Viglius was o.a. voorzitter van deze Geheime Raad.
Met daar meteen bij vermeld, dat hij de belangrijkheid en nog hogere functies van de bekende Viglius natuurlijk niet kon evenaren.

Saxo zal omstreeks 1580 geboren zijn ergens in Friesland, mogelijk in (de buurt van) Achlum omdat daar een Finia/Phinia State was.
Waarschijnlijk waren Feddrick van Finia en Maycke van Cronenburgh zijn ouders, die staan tenminste ook zo vermeld in het genealogische werk van Abraham Ferwerda.
Qua datering komt dit goed overeen, want zijn ouders moeten omstreeks 1575 gehuwd zijn.

Saxo heeft in 1600 aan de Franse universiteit te Douai gestudeerd, omdat hij in dat jaar de bijdrage in het Album Amicorum van zijn studiegenoot Henricus van der Borch (?-1637) plaatste.
Later maakte hij een Latijns gedicht voor Justus Rijckius, welke bewaard is gebleven in de verzameling van Janus Gruterus (1560-1627).

In 1619 is Saxo getrouwd met Anne Dumay (of: du May).

Volgens de wikipedia pagina over Saxo kreeg hij na het overlijden van zijn baas, secretaris Philippe Prats, in 1617 een jaarlijkse rente, waardoor hij kon rentenieren.
Dit werd hem toegekend, door het feit dat zijn (voor) ouders Friesland hadden verlaten om zich in te zetten voor 'God en zijn prinsen', wat de Roomse landvoogden der Spaanse Nederlanden moeten zijn.

Dit gegeven klopt dan weer mooi met de voorgestelde ouders Feddrick van Finia en Maycke van Cronenburgh.
Immers van hun is nu bekend dat zijn gevlucht zijn tijdens de opstand, want hun namen en wapens staan vermeld in de Conscriptio Exulum Frisae.
Vermeldenswaard is dat Maycke van Cronenburgh een dochter is van de bekende Friese schilder Adriaen van Cronenburgh (ong. 1545-ong. 1604), die ook zijn toevlucht in het buitenland had gezocht.
 

Familiewapen van Feddrick Fijnia en zijn vrouw Maycke van Cronenburg
Conscriptio Exulum Frisiae (1580-1587)

Na zijn overlijden in 1664 werd hij te Brussel in het (Geschoeide) Karmelietenklooster begraven, welke helaas niet meer bestaat.

Wapen
Het wapen van deze Feddrick gelijk aan die van Saxo in het Album Amicorum.

Verder is opvallend dat het wapen van Finia een grote gelijkenis heeft met die van het bekende adellijke geslacht Botnia.
Ook deze heeft een geharnaste arm met zwaard in de hand.
Een verschil is echter dat het Finia wapen gedeeld is, met links de bekende Friese halve adelaar.
Ook het helmteken is anders, want Finia heeft een adelaar als helmteken.
Van een familierelatie tussen Botnia en Finia is niets bekend, dus het zal dus op toeval berusten.

Wel was Feddrick majoor geweldige in het Spaanse regiment van overste Georg van Liauckema.
Mogelijk dat het wapen dus gekozen is door het beroep van deze Feddrick.

Beschrijving:
Wapen: in blauw een omgewende beklede zilveren rechterarm, goud gegalonneerd, de benedenarm horizontaal, in de hand houdende een zilveren zwaard met gouden gevest.

Familiewapen Fijnia
 (CBG Familiewapens)


Links:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Saxo_Finia
https://www.dbnl.org/tekst/aa__001biog07_01/aa__001biog07_01.pdf
https://nl.wikipedia.org/wiki/Janus_Gruterus
https://www.frieseregimenten.nl/officier/feddrick-van-fynia/ 

 

zondag 8 augustus 2021

Een Friese grafsteen in Leiden

Toen Supersneuper Hans afgelopen week in Leiden was, zag hij in de Pieterskerk een zerk staan.

Een foto stond al snel op Twitter, met de tekst '...met Fries familiewapen'.

En ja, als er twee wapens op staan, die beide in de linker helft de 'Friese adelaar' hebben, kan dat bijna niet missen.

Grafzerk van Hotze Fockesz. in de Pieterskerk te Leiden.
Het wapen van zijn moeder is die van Jeppema.
(foto: Supersneuper)


De steen

Op de steen staat de volgende tekst:

'Hotze Fockesz. geboren den IX Novembris Ao 1584, is gestorven den XXVI Augusti Ao 1604 en[de] hier begrave'

Het gaat dus om slechts één persoon, die dus bijna 20 jaar oud was toen hij overleed.
Hij is dus begraven in de Pieterskerk te Leiden, omdat daar de grafsteen nog aanwezig is.
In de Grafboeken van Leiden uit 1610, 1647 en 1665 staat zijn naam overigens ook vermeld met daarbij de exacte locatie: 'Noord-binnenwandeling nummer 56'.

Dat ook de geboortedatum vermeld is op een zerk is nogal bijzonder, dit gebeurd slechts zelden.
Misschien dat Hessel de Walle kan uitzoeken op hoeveel stenen dit het geval is in Friesland.

In het midden van de steen staan twee wapens afgebeeld, ongetwijfeld de ouders van de jongeling, die dus zelf ongehuwd overleed.
Een eerste zoektocht naar de wapens, levert het volgende op.

De wapens
Het rechterwapen in de ruitvorm is die van zijn moeder.
Dit wapen bevat rechts vier vakken, van boven naar beneden: klaver, lelie, lelie, klaver en links de halve Friese adelaar.
Als helmteken een lelie.
Het is een opvallend wapen, namelijk die van de familie Jeppema.
In de wapendatabase van Hessel de Walle, staat dit wapen eveneens afgebeeld, ook hier gelukkig ongeschonden.




Grafzerk van Lutske Anes Bangma, gehuwd met Jeppe Abbesz. Jeppema, in de kerk van Menaldum.
Het linkerwapen is Jeppema, rechts zal dan van Banga zijn.


Duidelijk is dat het hier dus om een Jeppema wapen gaat, echter een nogal afwijkend van het andere bekende Jeppema wapen.
In zowel het 'Stamboek' als de database van het CBG staat deze vermeld als een dubbele adelaar met een blauw hartschild met daarin een ster.

Familiewapen Jeppema
(Stamboek van den Frieschen Adel)

 

familiewapen Jeppema
(CBG familiewapens)


Botnia / Jeppema
De eerste relatie leggen we dan uiteraard met de drager van hetzelfde wapen, Jeppe Abbesz. Jeppema, wiens vrouw begraven ligt in de kerk van Menaldum.
Helaas staat er op de bekende site van Simon Wierstra geen genealogie van Jeppema en ook het Stamboek van den Frieschen Adel heeft er slecht een paar generaties vermeld.

Hierbij staat Jeppe Abbesz. Jeppema helaas niet bij vermeld.
De familie Jeppema is dus vroeg uitgestorven en een Ansck Jeppesdr. van Jeppema trouwde omstreeks 1480 met Syds Tjallings van Botnia.
Hun zoon Tjalling Sydses van Botnia werd ook wel Tjalling Jeppema genoemd, vermoedelijk omdat hij eigenaar van Jeppema State te Westernijkerk was.

Jeppema State te Westernijkerk
Tekening van J. Stellingwerf, 1722



Vervolgens trouwde zijn zoon, Syds Tjallings van Botnia ong. 1530 met Bauck Abbesdr. van Camstra.
Zij woonden op Hottinga State te Nijland, maar mogelijk was Jeppema State nog familiebezit.
Zij hadden echter een zoon waarvan de voornaam niet bekend is.
Mogelijk, ja het is wat vergezocht, is dit een Abbe van Botnia en noemde hij zich weer Abbe Jeppema naar het familiebezit?

Deze zou dan een zoon kunnen hebben gehad, Jeppe Abbesz. Jeppema, wiens vrouw Lutske Anes Banga dus in 1595 stierf en in de kerk van Menaldum ligt begraven.
Hij droeg dan in elk geval een eigen wapen en niet het bekende Botnia wapen, wat dan te verklaren is omdat hij een andere naam voerde.
 

Hotze Fockesz.
Hotze Fockes werd dus op 9 november 1584 geboren en zijn vader had dus de voornaam Focke.
Er is dan een huwelijk geweest tussen een Focke N.N. en een N.N. Jeppema, omdat het vrouwenwapen op de zerk dus het Jeppema wapen is.
 
Het gaat hier om Focke Tjercx die gehuwd was met Tryn Jeppema.
Focke van secretaris van Oostdongeradeel van 1582 tot na 1591.
 
Mogelijk dat zijn zoon Hotze dus al vroeg naar Leiden vertrok, omdat Leiden in die tijd uiteraard de lakenstad bij uitstek was.
Zijn vrouw is dan waarschijnlijk een zuster van Jacob van Jeppema, die lakenkoper te Leeuwarden was.

Jacob van Jeppema
Jacob Johannesz. van Jeppema werd omstreeks 1550 geboren als zoon van Johannes Jacobs Jeppema en Impk Ayes..
Omstreeks 1585 trouwde hij met Okje Boelema, dochter van Augustinus Boelema en Catharina van Arum.
Van deze Jacob is bekend dat hij lakenkoper was, dus hij zal vaak in Leiden zijn geweest.
Zijn vrouw Okje overleed op 23 oktober 1594 en lag begraven in Leeuwarden, maar haar zerk werd later overgebracht naar Minnertsga.

Familiewapens Jeppema-? op grafzerk van Ockien Boelema, huisvrouw van Jacob van Jeppema.



De tekst op de steeen is als volgt:

Hier leit begrave de eerbare Ockien Bolema dhuvisvrou va Iacob Ieppema en is gervst anno 1594 de 23 octobris

In het midden van de zerk twee wapens: Jeppema en Boelema.
Opnieuw dus een Jeppema wapen en ook hier weer boven de lelie en onder de klaver.
In het midden een soort kruis en links weer de halve Friese adelaar.
Het gaat hier dus weer om een variant op het Jeppema wapen.
Opvallend is dat het rechterwapen is afgesleten of vernield, terwijl het Jeppema wapen nog intact is.
Het helmteken is een lelie.

Van deze Jacob van Jeppema is nog een bijdrage uit 1573 in het Album Amicorum bekend van Poppe van Feytsma.

Bijdrage uit 1573 te Douai van Jacobus van Jeppema in het Album Amicorum van Poppe van Feytsma


Ook in deze bijdrage hetzelfde wapen als op de grafzerk, echter met de klaver boven en lelie onder!
Mogelijk dat één van de kunstenaars een foutje heeft gemaakt?
Overigens zijn hierdoor nu wel de kleuren van het wapen bekend.


Een familierelatie tussen Jacob Johannesz. van Jeppema en Jeppe Abbes van Jeppema heb ik helaas nog niet kunnen vinden.
Hopelijk dat anderen nu mee kunnen zoeken naar verdere informatie en verbindingen.
Een wat betere genealogie Jeppema zou daarbij het doel kunnen zijn.


Links
http://www.stinseninfriesland.nl/JeppemaStateWesternijkerk.htm
https://www.walmar.nl/inscripties.asp
https://www.walmar.nl/wapens.asp
https://www.hvnf.nl/2021/05/alba-amicorum-met-friese-inscripties-en-meer/ 
http://www.mpaginae.nl/Stamboek/FrAdel.htm 
http://www.mpaginae.nl/Galilea/Mensonides.htm 
https://www.erfgoedleiden.nl/component/lei_files/download/id/2088
https://www.hvnf.nl/2018/06/expositie-de-historie-van-jeppemastate-en-de-kerk-van-westernijtsjerk/ 
https://fy.wikipedia.org/wiki/Jeppemastate_(Westernijtsjerk) 
https://allefriezen.nl/ 

 

zaterdag 10 juli 2021

Friese kapiteins (64) : Jacob Melander van Holzappel

In deze serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden.

Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie meestal nog niet eerder een minibiografie is verschenen.

 


Achtergrond

Jacob werd in 1584 in Hadamar als zoon van Wilhelm Eppelman en Anna Seifenmacher geboren. Zijn ouders waren gewone burgers en ingezetenen van het graafschap Nassau-Hadamar.
Zijn vader was belastinginner maar oom Johan was in Den Haag als secretaris en raadgever werkzaam voor niemand minder dan prins Maurits.
Deze oom gebruikte de naam Melander of Milander, een Grieks vertaling van zijn achternaam.
In deze periode was het gangbaar, vooral onder geleerden, om hun naam in het Latijn of Grieks te schrijven.

Johan Melander kocht in 1598 de heerlijkheid Poederoijen en werd hiermee heer van deze heerlijkheid.
In 1622 overleed Johan Melander en de erfenis bleek reden tot een proces tussen dochter Emilia Philippina en neef Jacob in 1625 waarbij de laatstgenoemde wel aangeduid werd als heer van Poederoijen.

Jacob had drie broers: Adolf (1577-1602), Johann Georg (1579-?) en Peter (1589-1648). De oudste broer Adolf stierf op 25-jarige leeftijd als student in Herborn. Johann Georg, Jacob en Peter moeten een deel van hun opvoeding bij hun oom Johan in Nederland hebben genoten en droegen ook de naam Melander. Op 29 oktober 1608 werden de broers door de Duitse keizer in Praag onder de naam ‘Holtzapfel de Mélander’ in de adel verheven. De aanleiding voor deze bijzondere en eervolle verheffing is echter niet duidelijk, voor de broers vormde het in ieder geval een flinke stap op de maatschappelijke ladder. Jacob en Peter dienden beiden in het Staatse leger.

Militaire carriere
Jacob treffen we in 1621 als luitenant binnen het Groninger regiment en wordt hem drie maanden verlof verleend om tijdelijk in Hamburgse dienst te treden.
Een jaar later wordt Albert Bonnema in zijn plaats benoemd tot luitenant.
Het lijkt aannemelijk dat Jacob promotie heeft gemaakt tot kapitein, maar het is ook mogelijk dat hij langer in Hamburgse dienst heeft gevochten en zijn luitenantsplaats werd vergeven.
In ieder geval zien we Jacob in 1624 als kapitein in Groningen terug. Hij heeft dan een conflict met de erfgenamen van de overleden kapitein Gerhard Sloot.
Jacob volgde Gerhard Sloot naar alle waarschijnlijkheid als kapitein op en nam in die hoedanigheid ook diens compagnie over.
Vaak mondde de financiële afwikkeling uit in een proces tussen de nieuwe kapitein en de erfgenamen van de oude kapitein.
In 1631 wordt Jacob als kapitein opgevolgd door Tiete van Galema. Dit kan erop duiden dat Jacob het Staatse leger heeft verlaten.
Wat Jacob na 1631 heeft gedaan is tot op heden niet duidelijk.
In 1629 huwde Jacob met Wigboldina van Ewsum, een nichtje van de kolonel van het Groninger regiment Caspar van Ewsum.
Zij kregen twee kinderen: Adolf en Wigbold Wilhelm.
Het echtpaar bewoonde de borg De Bake in Obergum.


Borg De Bake te Obergum



 Het terrein van de borg De Bake.


Johan Georg Holtzappel
Van broer Johan Georg is weinig bekend. Wel komen we een J. Melander als student in Franeker tegen en promoveert iemand met dezelfde naam in 1623 aan deze universiteit. Zeer waarschijnlijk gaat het hier om Johan Georg want oom en naamgenoot Johan was al in 1622 overleden.

Peter Holtzappel
Broer Peter maakte gedurende zijn leven een bliksemcarrière en stierf in 1647 als Rijksgraaf en opperbevelhebber van het keizerlijke leger. Peter studeerde aan de Universiteit van Leiden, maar koos vanaf 1614 voor een militaire carrière in het Staatse leger. In 1616 ging hij mee met een Nederlands expeditieleger naar Venetië en in 1621 werd hij benoemd tot stadscommandant van Basel. In 1633 werd hij aangesteld tot luitenant-generaal van het Hessische leger dat tijdens de Dertigjarige Oorlog binnen de protestantse Unie in Duitsland vocht. In 1638 huwde hij met Agnes von Efferen, genaamd Hall. Opvallend detail: het huwelijk vond plaats in Groningen, de woonplaats van broer Jacob. In 1641 maakte Peter een opvallende keuze: hij wisselde van partij en trad in dienst van het keizerlijke leger. In diezelfde periode werd Johan Lodewijk van Nassau-Hadamar als gezant naar keizer Ferdinand II in Wenen gestuurd om voor de familie Van Nassau aan het keizerlijke hof de Nassause belangen te behartigen. Tijdens zijn verblijf in Wenen nam Johan Lodewijk het katholieke geloof aan en vervulde als bemiddelaar een belangrijke rol tijdens de onderhandelingen voor de Vrede van Munster. Gezien de nauwe banden met Hadamar is het niet ondenkbaar dat de overstap van Johan Lodewijk ook Peter heeft doen besluiten om over te gaan naar het keizerlijke kamp. Het legde hem in ieder geval geen windeieren. Hij mocht zich voortaan veldmaarschalk noemen en werd na het overlijden van Matthias Gallas zelfs opperbevelhebber over het gehele keizerlijke leger. Ook leverde het hem en zijn broer Jacob de titel van Rijksgraaf op. Peter stierf in één van de laatste gevechten van de Dertigjarige Oorlog in 1647 en werd begraven in de Johanneskerk in Esten. Peter had een fortuin verworven met zijn functie als bevelhebber en dat stelde zijn weduwe in staat om de naburige heerlijkheid Schaumburg te kopen. Inmiddels had de familie veel geld geleend aan de door de oorlog verarmde adellijke families, zoals de Van Nassau. Deze familie probeerde door middel van huwelijkspolitiek hun schuld kwijt gescholden te krijgen en de verkochte landgoederen weer in de familie te krijgen. In 1653 huwde dochter Elisabeth Charlotte van Holzappel-Schaumburg met prins Adolf van Nassau-Dillenburg.



Portret van Peter Melander von Holzappel.
Nationalmuseum

Peter Melander von Holzappel


Familiewapen

familiewapen Melander van Holzappel



Familieleden in het leger

  • Zijn zoon Willem Hendrick van Wartensleben werd kapitein.
  • Peter van Holzappel (1589-1648), was luitenant-generaal is Hessische dienst. Hij was een roer van Jacob.
  • Johan Wilhelm van van Holzappel was majoor in Staatse dienst en sneuveld aan de Boyne in 1688 in Ierland.
    Hij was een buitenechtelijke zoon van Peter van Holzappel.

Vaandel
onbekend


 

Compagnie nr. C75
* Jacob Melander van Holzappel (1589-?)
* Kapitein van 1622 - 1631

* Voorganger: Gerhard Sloot?
* Opvolger: Tiete van Galama
 

 

Bronnen / meer informatie
http://www.mpaginae.nl/Nauta/kapiteins.htm|

Hessische biografie: https://www.lagis-hessen.de/pnd/118774816
Groninger Archieven, resoluties
Gelders Archief, 0124 Hof van Gelre en Zutphen, 5104
HHStA Wiesbaden Abt. 171 Nr. 731, Bll. 37ff. [Untersuchungen des Dr. Wolfgang Ficinus von Hadamar im Auftrag des Fürsten Johann Ludwig von Nassau zur Herkunft Melanders, 1641/1642]

ADB, Bd. 13, 1881, S. 21-25 (Leopold von Eltester)
NDB 9, 1972, Bd. 9, 1972, S. 571
Wurzbach, Biographisches Lexikon des Kaiserthums Oesterreich, 9. Theil, Wien 1863, S. 245
Nassauische Lebensbilder Bd. 4, 1950, S. 36-53 (Fritz Geisthardt)
Karl Friedrich von Frank, Standeserhebungen und Gnadenakte für das Deutsche Reich und die Österreichischen Erblande bis 1806 sowie kaiserlich österreichische bis 1823, Bd. 2, S. 226 und 227
Martin Brück: Politik im Duodezformat. Die Herrschaft Holzappel-Schaumburg in der zweiten Hälfte des 17. Jahrhunderts, in: Nassauische Annalen Bd. 121, 2010, S. 29-72
Steffen Leins, Reichsgraf Peter Melander von Holzappel (1589–1648). Aufstieg eines Bauernsohns als Kriegsunternehmer, Diplomat und Herrschaftsorganisator. In: Militär und Gesellschaft in der frühen Neuzeit. 14, 2010, 2, S. 348–357
Simon Schmitz, Die Erbstrategie Peter Melanders von Holzappel und ihr erfolgreiches Scheitern. In: Jahrbuch für westdeutsche Landesgeschichte. 41, 2015, S. 99–144
Erich Bartholomäus, Die Mutter Peter Melanders, Reichsgrafen von Holzappel, in: Hessische Familienkunde Bd. VI, 1962, Sp. 179-182
Erich Bartholomäus, Die Eppelmann, Holzappel und Melander in Hadamar, in: Hessische Familienkunde Bd. VII, 1963, Sp. 65-72.



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
 

Friese Nassause Regiment
Kapitein

  1. Jacob van Roussel

  2. Adriaen Slijp

  3. Bonefacius van Scheltema

  4. Ludolf Potter

  5. Frans van Roussel

  6. Abbe van Bootsma

  7. Jan Sageman

  8. Juw van Eysinga

  9. Frans van Donia

  10. Lolle van Ockinga

  11. Taecke van Hettinga

  12. Frans van Cammingha

  13. Wigle van Hania

  14. Arent van Arentsma

  15. Wopcke van Herema

  16. Willem van Inthiema

  17. Ids van Eminga

  18. Seerp van Dijxtra

  19. Sybren van Walta

  20. Tiete van Galama

  21. Jacques van Oenema

  22. Sybe van Aylva

  23. Jan van Burmania

  24. Juw van Harinxma

  25. Jarich van Hottinga

  26. Epe van Heemstra

  27. Damas van Loo

  28. Douwe van Andringa

  29. Rienck van Dekema

  30. Ruurd van Feytsma

  31. Binnert van Heringa

  32. Wybren van Roorda

  33. Johan van Bonga

  34. Idzart van Grovestins

  35. Frans Aebinga van Humalda

  36. Hans van Oostheim

  37. Jan van Idsaerda

  38. Gosewijn van Wiedenfelt

  39. Tjalling van Sixma

  40. Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg

  41. Doecke van Hemmema

  42. Philip van Boshuizen

  43. Harmen van Wonsdorp

  44. Willem van Haren

  45. Douwe van Glins

  46. Hessel van Aysma

  47. Quirijn de Blau

  48. Jacob van Ruffelaer

  49. Peter Sedlnitsky

  50. Tjaard Wederspan

  51. Jacques van Challansi

  52. Doecke van Rinia

  53. Doecke van Martena

  54. Tjaard Tjebbes Hobbema

  55. Jan Gerckes Hoptilla

  56. Michiel Hagen

  57. Simon Jongestall

  58. Leendert Huijghis

  59. Rencke van Lycklama

  60. Tjerk van Solckema

  61. Taecke Lieuwes

  62. Rogier Slijp

  63. Douwe Aylva van Loo

  64. Jacob Melander van Holtzappel

Friese Nassause Regiment
Luitenant

  1. Rienck van Sytzama

  2. Hoyte van Goslinga

 

Groninger Nassause Regiment
Kapitein

  1. Caspar van Ewsum

  2. Boiocko van der Wenghe

Hoogduitse Nassause Regiment
Kapitein

  1. Nicolaas van Boringer

vrijdag 2 juli 2021

Portrettenserie van de lijkstatie van stadhouder Willem Frederik in 1664

Op 15 december 1664 werd de Friese stadhouder Willem Frederik van Nassau-Dietz (1613-1664) begraven in de Jacobijner Kerk te Leeuwarden.

Dit was een grootse gebeurtenis, die nogal indrukwekkend zal zijn geweest voor de inwoners van Leeuwarden.

In een rouwstoet van ongeveer 250 deelnemers, wordt de kist, met daarin het lijk van de stadhouder, naar de kerk gedragen.
De gehele rouwstoet, een lijkstatie genoemd, is nagetekend door Frans Carré op 25 platen, die gelukkig bewaard zijn gebleven.
In april 1666 kopen de Staten van Friesland 150 exemplaren van deze serie, waarvan 50 ingekleurd.

In het jaarboek Oranje-Nassau staat een prachtig artikel over deze rouwstoet, geschreven door Marlies Stoter, conservator van het Fries Museum.
Zij beschrijft hierin o.a. de samenstelling en de volgorde van de lijkstatie.

Ze schrijft hierin dat Carré in 1666 100 goudgulden kreeg voor het tekenen van de begrafenis.
Een schetsboekje van hem is bewaard gebleven, waarin oorspronkelijk 64 pagina's zaten van het tweede gedeelte van de stoet, met vertegenwoordigers van de Staten van Friesland en van de magistraten en vroedschappen van de steden.
Door de vergelijking van de nog bestaande schetsen is bewezen dat het om natuurgetrouwe schetsen van de deelnemers gaat!

Door de beperkte ruimte in het artikel zijn daar slechts weinig deelnemers van de stoet afgebeeld, dus is het tijd om in deze serie de overige personen een 'gezicht te geven'.
In deze serie worden (bijna) alle personen behandeld, waarbij goed is om te weten dat het meestal de enige afbeelding van deze persoon is.

Behalve heel veel officieren, gaat het ook om belangrijke bestuursfuncties in Friesland, Groningen en Drenthe. 

Hieronder de reeds verschenen deelnemers:

Nr. Naam Beroep in 1664 Leefde van Militair Overige
1 Ritscke van Unia ritmeester 1640-1672 X  
2 Hendrick de Baar kapitein-luitenant ong. 1610-? X  
3 Gerrit van Amama luitenant-kolonel 1625-1677 X  
4 Caspar van Tiddinga 'edelman' ong. 1630->1701 X Vanaf 1672 kapitein
5 Folckert Rommerts herault des armes ? X  
6 Christaan van Wartensleben Maistre der Ceremonien ong. 1640-? X Vanaf 1666 kapitein
7 Sjuck van Eminga 'edelman' ong. 1640- >1671 X Vanaf 1671 kapitein?
8 Gabbe van Meynsma 'edelman' ong. 1630- >1684    
9 Arent van Lintelo kapitein ong. 1630-1672 X Hij was <1664 kapitein.
10 Cirko van Grevinghe hoofdeling 1639-1719   Woonde te Zeerijp
11 Laelius van Lycklama ? ong 1640 X Hij werd ong. 1669 ritmeester
12 Sicco van Eminga onbekend ong 1640-1682   Woonde op Wiarda State te Goutum
13 Gerrit Gerrits van Loo onbekend ong. 1645- >1664    
14 Sybrant van Ockinga waarsch. al officier 1646-1698 X kapitein vanaf 1666
15 Hessel Hotzes van Aysma onbekend ong. 1635- <1680   kapitein vanaf ong. 1673
16 Ulbe Jans van Bootsma onbekend ong. 1630- >1665    
17 Binnert Heringa van Grovestins onbekend 1641-1696   Vanaf 1672 Raadsheer
18 Tjalling van Camstra onbekend (hij was ws R.K.) ong. 1640-1693   Woonde op Tjaarda te Rinsumageest.
19 Arent Gerrits van Loo onbekend 1644-? X Hij werd in 1671 kapitein
20 Agge Douwes van Sixma onbekend 1636-1699   Later Raadsheer en grietman
21 Lamorael van der Noot kapitein 1643-1670    
22 Haye Hayes van Rinia kapitein ong. 1630- >1665 X Waarschijnlijk kapitein in het Groninger regiment.
23 Sicke Taeckes van Cammingha onbekend 1643-1669    
24 Rempt ten Ham kapitein 1622-1672 X  
25 Bartholt van Aylva zonder beroep (RK) ong. 1630-1680    
26 Tjalling Homme van Camstra zonder beroep (RK) ong. 1635-1719    
27 Johan Georg vrijheer thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg ritmeester 1637-1674 X later kolonel.
28 Bonne Donia van Harinxma onbekend (RK?) 1624-1665)    
29 Berent van Sevenaer onbekend 1636-1687 X later ritmeester
30 Ricquin van Frentz ritmeester ong. 1620-1687 X  
31 Johan Gruys kapitein-majoor 1614-1678 X  
32 Sybren Tjaerts van Walta kapitein-majoor 1617-1673 X  
33 Ynte van Kingma ritmeester en majoor ong. 1621-1700 X  
34 Philips Sigismund van der Wenge ritmeester en majoor ong. 1610-1684 X Groninger Regiment
35 Bocke Poppes van Burmania Raad ter Admiraliteit 1637-1702   Woonde te Appingedam
36 Syds Keimpes van Donia zonder beroep (RK?) ong. 1625-1667    
37 Haring van Sythiema zonder beroep (RK?) ong. 1611-1668   Woonde te Hallum, Sythiema State
38 Hessel van Eminga zonder beroep (RK?) ong. 1620- >1677   Woonde te Bilgaard, Tania Burg
39 Oene van Roorda zonder beroep (RK?) ong. 1610-1670   Woonde ws op Wytsma State te Birdaard
40 Sweer van Tamminga luitenant-kolonel 1629-1681 X In Groninger Regiment
41 Gemme Laes van Burmania houtvester en pluimgraaf 1626-1671    
42 Syds (Pybes?) van Eminga onbekend ong. 1600->1664?   Onzeker of het deze Syds van Eminga is.
43 Poppo van Burmania luitenant-kolonel 1603-1676 X  
44 Doecke van Hemmema kolonel 1603-1696 X  
45 Bernard Entens ritmeester en majoor ong. 1600- >1664 X in het Groninger Regiment
46 Ernst Willem van Haren ritmeester en majoor 1623-1701 X later nog kolonel en grietman
47 Watze Wytze van Cammingha RK 1602-1686   mogelijk Gedeputeerde van Friesland?
48 Watze van Cammingha RK, Vrijheer van Ameland 1603-1668    
49 Andolf Clant kolonel Groninger Regiment ong. 1610- <1673 X  
50 Georg Frederick vrijheer thoe Schwartzenburg en Hohenlansberg   1607- >1670 X tot 1660 was hij kolonel
51 Hans Michels Pikeur en rustmeester ong. 1640-? X  
52 Philip Ernst Vegelin van Claerbergen Kolonel 1613-1693 X  
53 Hans Willem baron van Aylva Kolonel 1633-1691 X  
54 Georg Wolfgang thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg Kolonel 1638-1674 X overleed bij de Slag bij Seneffe.
55 Eppo Gockinga Kolonel ong. 1600- >1664 X  
56 Ernst van Aylva Kolonel ong. 1620-1665 X  
57 Wilco Holdinga baron thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg ritmeester/majoor 1598-1668 X woonde op Eysinga State te Rinsumageest
58 Hendrik Casimir II van Nassau-Dietz stadhouder 1657-1696 X  
59 Hilbrand Gruys voormalig rekenmeester Stad en Lande ong. 1590->1664   liep ook mee in de lijkstatie van Ernst Casimir
60 Johan Coenders kapitein en stalmeester ong. 1635-1694-1696 X woonde te Marrum, Ponga State
61 Abbe van Bootsma onbekend ong. 1600-1670   woonde te Wirdum
62 Gezant van de grote keurvorst Frederik Willem van Brandenburg gezant ?-?   onbekend wie dit is
63 Johan de Mepsche hoofdeling te Loppersum 1633- >1672    
64 Maurtis baron van Isselstein onbekend 1638-1700? X hij werd later ritmeester en woonde enige tijd op Hania State te Holwerd.
65 Lambertus van Coehoorn vaandrig / page aan hof van WF ong. 1625->1664 X Later werd hij dijkgraaf van Oostdongeradeel
66 Gesant van sijn Hoocheijt de Prince van Orangien (wie?) gezant van prins Willem III van Oranje. ?    
67 Otto van Jeltinga ontvanger-generaal Kollumerland ong. 1642-1706 X Later werd hij kapitein
68 Feye van Burmania kapitein 1627-1679 X Mededrager van de doodskist
69 Douwe van Sytzama kapitein 1620-1672 X Mededrager van de doodskist
70 Gerrolt van Ockinga kapitein 1620-1665 X Mededrager van de doodskist
71 Sicke van Rinia kapitein 1621-1667 X Mededrager van de doodskist
72 Jan van Roorda kapitein 1605-1672 X Mededrager van de doodskist
77 Ruurd van Glins kapitein 1615-1669 X Mededrager van de doodskist
78 Tjaert Douwes van Andringa kapitein ong. 1635-1674 X Mededrager van de doodskist
79 Hans Hommes van Hettinga kapitein ong. 1610- >1672 X Mededrager van de doodskist
80 Poppe Douwes van Andringa kapitein ong. 1640-1671 X Mededrager van de doodskist
81 Jan Eminga van Loo kapitein 1627- <1690 X Mededrager van de doodskist
82 Johan van Burum kapitein 1632- >1701 X Mededrager van de doodskist
83 Epe van Aesgema kapitein 1623-1676? X Mededrager van de doodskist
84 Ulbe van Sixma kapitein 1630-1672 X Mededrager van de doodskist
85 Hendrik Georg thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg kapitein 1632- <1682 X Mededrager van de doodskist
86 Arnold van Vierssen kapitein 1635- >1681 X Mededrager van de doodskist
87 Johan Murray kapitein 1619-1666 X Mededrager van de doodskist
88 Jacob Cock kapitein ong. 1635-1669 X Mededrager van de doodskist
89 Hotze van Aysma kapitein 1628-1674 X Mededrager van de doodskist


Willem Frederik van Nassau-Dietz, op de eerste plaat van de lijkstatie.

Bronnen:
http://www.mpaginae.nl/At/WF.htm 
Jaarboek Oranje-Nassau 2012 / artikel van Marlies Stoter

Zoeken in deze blog