Posts tonen met het label Oostende. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Oostende. Alle posts tonen

dinsdag 14 juli 2020

Friese kapiteins (61) : Taecke Lieuwes

Friese kapiteins (61) : Taecke Lieuwes


In deze serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden.
Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie meestal nog niet eerder een minibiografie is verschenen.

 


Achtergrond
Van de afkomst van Taeke Lieuwes weten we helaas nog bijna niets, alleen dat hij ongeveer ong. in 1570/1580 geboren moet zijn.
Zijn vader heette dus Lieuwe, maar daarmee is het wel gezegd.

Omstreeks 1600 huwde hij met Geertje Jans Wederspan, die gezien de zeldzame achternaam een zus van de kapiteins Tjaard en Jan Jans Wederspan moet zijn.
Daarmee huwde Taeke dus wel 'op stand' en we komen hem later ook wel met de latijnse voornaam Taco tegen.

Uit hun huwelijk zijn (nog) geen kinderen bekend en Taecke en zijn vrouw zullen ergens na 1644 zijn overleden. (1)

Dantumawoude
Op 13 november 1607 kopen Taeke en zijn vrouw Geertje het huis Doniahuize te Dantumawoude, waar zijn vermoedelijk lange tijd hebben gewoond.
Op 23 oktober 1627 werd Taeke burger van Dokkum, dus zal hij toen verhuisd zijn naar deze stad.
Echter, het lijkt erop dat hij twee woningen had. Een 'winterwoning' in de stad Dokkum en 's zomers vertoefde hij dan te Dantumawoude.
In 1631 verkoopt hij Doniahuize aan zijn collega-hopman Bonefacius van Scheltema.

Vanaf 1631 bewonen Taecke en Geertje de Aesgema State te Dantumawoude (ook wel: Plantenhove' genoemd), waar zij in 1640 nog steeds wonen.
In 1906 liet notaris Willem Hellema nieuwe villa bouwen, genaamd Lina's Hoeve, naar zijn dochter vernoemd.
Nadat het nog na zijn vertrek omstreeks 1920 een bejaardentehuis was, is het momenteel onderdeel van de Thomashuizen  (2)

Oude foto van de 'plantenhove', gebouwd in 1765 op de plek van de voormalige Aesgema State.
 (foto: http://www.stinseninfriesland.nl/AesgamaState.htm)



Foto van Lina's Hoeve te Dantumawoude.
 (foto via Pieter van der Bij)



Militaire carrière
Op 6 juli 1603 werd Taeke tot kapitein benoemd van een eigen compagnie.
Per diezelfde datum werd Douwe van Harinxma zijn vaandrig en een Van Brunswijck zijn luitenant.
Taeke was hiervoor luitenant onder kapitein Frederik van Grovestins, die hij dus opvolgde.
Kapitein Grovestins was reeds in 1601 aanwezig bij het beruchte Beleg van Oostende, waar hij in juni 1603 om het leven kwam.
Zijn been werd bij een uitval 'afgeschoten', waardoor hij later aan de verwondingen overleed.
De kans is nu groot dat Taecke Lieuwes als luitenant dus ook aanwezig was bij deze langdurige belegering.

Op 13-5-1607 werd Hotze (Siercks) van Aysma benoemd tot luitenant in zijn compagnie.
In februari en maart 1623 zitten de soldaten uit de compagnie van Taco Lieuwes in de kerk te Diever en de Friese stadhouder maakt zich zorgen over hun proviandering. (3)
Op 28 september 1627 volgt Lubbertus Lycklama hem op als kapitein.


Bestuurlijke carriere
In 1635 blijkt Taco Lieuwes ontvanger te zijn van de grietenij Dantumadeel.
Op 20 juli 1635 verleende hij samen Grytman Dr. Sjoerd Saeckma, als lid van de Staten van Fryslân en uit naam van het gewest Oostergo aan de stad Dokkum en later ook aan andere Fryske Steden het octrooi van eigen vrije raadverkiezingen. (4)
Van 1633-1637 is Taecke volmacht naar de zogenaamde Landdag van de Friese Staten namens Dantumadeel, meestal samen met de grietman Sjoerd (of: Suffridus) Saeckma.

Zijn functie van ontvanger verliep niet geheel vlekkeloos.
In juli 1635 komen er twee personen de schoorsteengelden innen in de gemeente Dantumadeel.
In het dorp Rinsumageest kwamen ze Taco Lieuwes tegen, die meldde dat:
'ze niet meer dan 1 gulden behoefden te betalen; dat 2 volmachten van Leeuwarden, Jentse Reins en Jentse Gosses, seyden ook met 1 gulden te hebben betaald 'ende soo sy in heur dorp quamen dat sy se doot souden smyten als honden, al waren sy eens soo sterck'.

Familiewapen
Onbekend.

Familieleden in het leger

  • Zijn zwager Tjaard Jansen Wederspan (1555-1594) was kapitein
  • Zijn zwager Jan Jansen Wederspan (ong. 1560->1632) was kapitein

Vaandel

Vaandel van kapitein Taecke Lieuwes 1603-1621



 

Compagnie nr. 11
* Lieuwe Taeckes (geb. <1580-
U>1644)
* Kapitein van 1603-1627

* Voorganger:  Frederick van Grovestins
* Opvolger: Lubbertus Lycklama

* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Dantumawoude

 

Bronnen / meer informatie
http://www.mpaginae.nl/Nauta/kapiteins.htm|
http://www.stinseninfriesland.nl/AesgamaState.htm
https://hvnf.nl/index/dokkumburgerboek.htm
https://hvnf.nl/index/FriezenRvS.htm
https://www.wilthof.nl/index.php?id=261
http://www.mpaginae.nl/Staten/volm1632tm1700O.jpg
http://buwalda.blogspot.com/2019/02/friese-kapiteins-3-bonefacius-scheltema.html
 

Noten
(1) -  In 1644 heeft hij volgens de Dokkumer proclamatieboeken nog een woning aldaar.
(2)
- Vriendelijke mededeling en foto van Pieter van der Bij.
(3) - Zie brief van de stadhouder Ernst Casimir in het Stadhouderlijk archief (www.archieven.nl)
(4) - Vriendelijke mededeling van Jouke Dantuma



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
 

Friese Nassause Regiment

Kapitein
  1. Jacob van Roussel
  2. Adriaen Slijp
  3. Bonifacius van Scheltema
  4. Ludolf Potter
  5. Frans van Roussel
  6. Abbe van Bootsma
  7. Jan Sageman
  8. Juw van Eysinga
  9. Frans Harinxma van Donia
  10. Lolle van Ockinga
  11. Taecke van Hettinga
  12. Frans van Cammingha
  13. Wigle van Hania
  14. Arent van Arentsma
  15. Wopcke van Herema
  16. Willem van Inthiema
  17. Ids van Eminga
  18. Seerp van Dijxtra
  19. Sybren van Walta
  20. Tiete van Galama
  21. Jacques van Oenema
  22. Sybe van Aylva
  23. Jan van Burmania
  24. Juw van Harinxma
  25. Jarich van Hottinga
  26. Epe van Heemstra
  27. Damas van Loo
  28. Douwe van Andringa
  29. Rienck van Dekema
  30. Ruurd van Feytsma
  31. Binnert van Heringa
  32. Wybren van Roorda
  33. Johan van Bonga
  34. Idzart van Grovestins
  35. Frans Aebinga van Humalda
  36. Hans van Oostheim
  37. Jan van Idsaerda
  38. Gosewijn van Wiedenfelt
  39. Tjalling van Sixma
  40. Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg
  41. Doecke van Hemmema
  42. Philip van Boshuizen
  43. Harmen van Wonsdorp
  44. Willem van Haren
  45. Douwe van Glins
  46. Hessel van Aysma
  47. Quirijn de Blau
  48. Jacob van Ruffelaer
  49. Peter van Sedlnitsky
  50. Tjaard Wederspan
  51. Jacques van Challansi
  52. Doecke van Rinia
  53. Doecke van Martena
  54. Tjaard Tjebbes Hobbema
  55. Jan Gerckes Hoptilla
  56. Michiel Hagen
  57. Simon Jongestall
  58. Leendert Huijghis
  59. Rencke van Lycklama
  60. Tjerck van Solckema
  61. Taecke Lieuwes

Friese Nassause Regiment
Luitenant
  1. Rienck van Sytzama
  2. Hoyte van Goslinga
Groninger Nassause Regiment
Kapitein
  1. Boiocko van der Wenghe
Hoogduitse Nassause Regiment
Kapitein


donderdag 11 juli 2019

Friese kapiteins (23) : Jan van Burmania


Friese kapiteins (23) : Jan van Burmania

In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Achtergrond
De familie Van Burmania is een oude adellijke Friese familie. Zij heeft haar oorsprong in Leeuwarden, waar het stamslot Burmaniahuis nog steeds staat.
De oude state is echter in 1874 vervangen door een groot herenhuis op dezelfde plaats.

Burmaniahuis te Leeuwarden
(tekening J. Stellingwerf, omstreeks 1723)

Jan, die ook wel weer Johan werd genoemd, werd omstreeks 1560 geboren als zoon van Johan van Burmania en Jel van Glins. Helaas weten we van zijn ouders bitter weinig. Er zouden schilderijen van dit echtpaar aanwezig zijn in een particuliere collectie, maar die kunnen onmogelijk van hun zijn.

Jan zijn grootvader Rienck van Burmania was grietman van Leeuwarderadeel tot zijn overlijden in 1563. Vermoedelijk woonden Johan en Jel daardoor ook ergens in Leeuwarden of Leeuwarderadeel en bestaat de kans dat ook Jan en Rienck in deze omgeving zijn geboren.
Jan van Burmania studeerde rechten vanaf 16 mei 1593 als 'Johannes a Burmania' aan de universiteit te Franeker.
In deze tijd schreef hij een Latijns tektsje in het album amicorum van Georgius van Burmania, een verre neef van hem.
Bijdrage van Jan van Burmania in het Album Amicorum van zijn verwant George van Burmania.

Omstreeks 1600 huwt hij met zijn achternicht Barber van Burmania, dochter van de grietman van Hennaarderadeel Poppe van Burmania en Clara van Frauenhoven (of: Froenhoven)
Zij groeide op in Edens (Hennaarderadeel) op Unga State, welke al een aantal generaties in hun familie was.
Uit dit huwelijk zijn drie kinderen bekend, Poppo, Rienck en nog een Poppo. De eerste Poppo werd in 1601 geboren in Doetinchem en is jong overleden. Rienck kwam in 1610 dramatisch om het leven bij een ongeluk met een jachtgeweer in Langweer. Zij waren toen op bezoek bij hun oom en tante Frouck van Burmania en Johannes van Clant. Hierbij was ook zoon Poppo aanwezig en dit zal een grote indruk op hem hebben gemaakt.
De 'tweede' Poppo werd geboren op 2 augustus 1603 te Oostende, dus tijdens het Beleg van Oostende. Barber was kort daarvoor aangekomen bij Oostende, waar haar man gelegerd was.
Daarom werd deze Poppo ook wel de 'Oostendenaer' genoemd en later werd hij bekend van zijn kroniek 'enege gedenckwerdege geschiedenissen'.
In dit boek schrijft Poppo uitvoerig over zijn vader.

Militaire carrière
Misschien omdat een bestuurlijke carrière er niet in zat voor Jan, koos hij voor een militaire loopbaan.
In 1595 werd Jan gevangen genomen in de huidige Duitse stad Lingen.
In 1601 zat hij waarschijnlijk in garnizoen in Doetinchem, omdat daar zijn 1e zoon Poppo wordt geboren.
In 1602 was hij luitenant in de compagnie van kapitein Wopcke van Herema, maar op 23 april dat jaar volgt zijn broer Rienck van Burmania hem op in die functie.
Per diezelfde datum zal Jan dus kapitein zijn geworden van een eigen compagnie, maar helaas weten we niet welke kapitein hij opvolgde.
Hij kan echter ook een totaal nieuwe compagnie hebben opgericht.
In 1602 was hij aanwezig bij de belegering van Rijnberk en werd daar zijn hoofd geschoten.
De kogel ging onder zijn oog door en kwam er bij de nek uit maar door Gods hulp was Jan weer hersteld, aldus zijn zoon in zijn eerder genoemde kroniek.
In 1603 zat hij in garnizoen in Sneek.
Vanaf april 1603 was hij aanwezig bij het beruchte Beleg van Oostende, die van 1601-1604 duurde.
In 1605 treffen we hem aan als hij met zijn compagnie in Bredevoort verblijft.   
Op 16 november 1605 vertrekt hij opnieuw naar Rijnberk, waar in 1606 het beleg van die stad door Spanje zal plaatsvinden.
De Spaanse bevelhebber Spinola belegert de stad en na een paar weken gaf de stad zich op 1 oktober over aan Spinola.
Jan zal dit echter niet meer meemaken, want voor het zover is, komt hij op 2 januari 1606 te Rijnberk te overlijden na een sterfbed van acht dagen. (NB: volgens een andere bron is hij in Doesburg overleden, maar dit lijkt onjuist).
De chroniqueur van het beleg van Oostende, Philippe Fleming, rekende hem in 1621 tot de 'ervaren officieren ende cloecke soldaten'.
Luitenant Schelte van Aysma uit Beetgum zal toen bij hem aanwezig zijn geweest en volgde hem op als kapitein.

Begrafenis
Jan werd eerst vanwege de winterse omstandigheden in Rijnberk begraven maar later werd hij in de Oldehoofster kerk in het koor bijgezet, bij zijn voorouders.
De kerk is helaas afgebroken, waardoor de grafsteen niet meer aanwezig is. Nog steeds is de toren, de Oldehove genoemd, een zeer bekende toren die nogal scheef staat.
Zijn vrouw Barber, verhuisde hierna naar Franeker, waar ook haar zoontje Rienck is begraven.

Familiewapen



Familiewapen Burmania (Stamboek van den Frieschen Adel)


Familieleden in het leger
  • De broer van Jan, Rienck van Burmania (ong. 1560-1603/1604), was kapitein
  • De zoon van Jan, Poppe Jans van Burmania (1603-1676), was kapitein en luitenant-kolonel.
Vaandel
niet bekend.

Compagnie nr. 19
* Jan van Burmania (*ong. 1560-
U1606)
* Kapitein van 1602-1606

* Voorganger: ?
* Opvolger: Schelte van Aysma
* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Leeuwarden/Leeuwarderadeel?
 


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.


zondag 5 mei 2019

Friese kapiteins (13) - Wigle van Hania


Friese kapiteins (13) : Wigle van Hania

In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Achtergrond
Omstreeks 1570 werd Wigle van Hania geboren, waarschijnlijk op het stamslot Hania State te Weidum.
Daar woonden zijn ouders Dye van Hania en Sjucke van Hettinga. Het beroep van zijn vader is niet bekend, maar wel was hij kerkvoogd in 1567 aldaar.
Er was overigens ook een Hania State in Holwerd, maar er is geen familierelatie tussen deze twee Hania geslachten bekend.
Tot slot kan nog gezegd worden dat, volgens hun genealogie, reeds in 1199 een Wigle Hania de kerk te Weidum liet bouwen, met behulp van conversen van het klooster Ludingakerk.
Vermoedelijk studeerde hij in 1587 aan de universiteit van het Duitse Herborn. Daar is dat jaar namelijk een Viglius Hania uit Weidum ingeschreven, maar dit zou ook zijn neef met dezelfde naam kunnen zijn.
'Onze' Wigle zal omstreeks 1600 gehuwd zijn met Aaltje van Scheltema, afkomstig van Bornwird.
Aaltje overleed al op 30 mei 1608 op jonge leeftijd.
Uit hun huwelijk zijn drie kinderen geboren, waarvan alleen zoon Tiete van Hania huwde.
Pas op 23 oktober 1619 huwde Wigle opnieuw, nu met Gesina Polman. Zij kwam uit een militaire familie, want drie broers van haar zaten ook in het leger.
Uit dit 2e huwelijk is dochter Sjucke van Hania geboren die in 1649 met kapitein en kolonel Feye van Burmania huwde.

Grafzerk
Op 28 november 1630 overleed Wigle en werd hij eervol in de kerk van Weidum begraven.
Zijn mooie grafsteen is hier nog steeds aanwezig en zijn broer Tiete, eveneens hopman in het Staatse leger, ligt naast hem begraven.
In opdracht van het Fries Genootschap maakte de kunstschilder Albert Martin in de 19e eeuw tekeningen van o.a. deze grafzerken.
Wigle staat ten voeten uit afgebeeld op de zerk in militaire outfit, bijna exact gelijk als de zerk voor zijn broer.
Opvallend is dat het jaartal en datum niet zijn uitgebeiteld op de zerk toen Wigle kwam te overlijden.
De volledige tekst erop is als volgt:

Ao 16.. de .. sterf de eed en manhafte hopman Viglus Hannya
Ao 1608 de 30 may sterf d eed en duchtz iuffrou Aelke va Scheltema

Beide stenen zijn gemaakt door Pieter Claes (Antiek) die, afkomstig van Franeker, in Leeuwarden zijn werkplaats had.
Pieter Claes heeft in Schettens maar liefst vier grafzerken gemaakt, waarvan drie voor de familie Van Osinga.


Grafzerk van Wigle van Hania in de kerk te Weidum
(foto: Hans Zijlstra)



tekening van de grafzerk van kapitein Wigle van Hania
(foto: www.walmar.nl)

Militaire carrière
Het is niet bekend wanneer hij benoemd werd als kapitein, maar er is al een vaandel van hem bekend uit circa 1601.
Het volgende jaar, 1602, is hij present bij het Beleg van Oostende, de Belgische kustplaats die door de Spanjaarden drie jaar lang werd belegerd.
Samen met de Friese kapiteins Frederik van Grovestins, Hans Adam Kijff en de nog niet geïdentificeerde Heckman was hij vanaf april 1602 aldaar aanwezig



uit: Philippe Fleming - Oostende vermaerde, gheweldighe, lanckduyrighe, ende bloedighe belegheringhe, bestorminghe ende stoute aenvallen - 1621

In 1620 komen we Wigle tegen, als hij als kapitein meeloopt in de lijkstatie van de overleden stadhouder Willem Lodewijk van Nassau (Us Heit). 
In 1621 is hij Commandeur van de Bellingwolderschans te Bellingwolde.
In 1623 staat hij nog steeds vermeld als kapitein, omdat hij dat jaar de 'taux', een soort belasting, moest betalen.
Op 5 april 1628 werd hij opgevolgd door Bonefaes van Scheltema, zijn zwager, die daarvoor 10 jaar lang zijn luitenant was geweest.

Familiewapen
 Het Hania familiewapen volgens het Stamboek van den Frieschen Adel.

Het is een zogenaamd sprekend wapen met de hand, in het Fries 'han'.
Ernaast staan twee lelies afgebeeld en als helmteken heeft het wapen hetzelfde symbool.

Familieleden in het leger
  • Zijn broer Tiete van Hania (ong. 1560-1605) was kapitein
  • Zijn broer Gale van Hania (ong. 1560-1618?) was kapitein
  • De zus van Aaltje, Ursel van Scheltema, huwde Werp van Tjessens (ong. 1560-<1626) die vaandrig was.
  • De broer van Aaltje, Schelte van Scheltema (ong. 1570->1631) was kapitein
  • De broer van Aaltje, Bonifacius van Scheltema (ong. 1580-1633) was kapitein
  • De broer van Gesina Polman, Anton Polman (1574-1662), was kapitein
  • De broer van Gesina Polman, Johan Polman (1579-1653), was kapitein
  • De broer van Gesina Polman, Rudolf Polman, was overste-luitenant.
Vaandel

Vaandel in gebruik bij zijn compagnie, ca. 1598-1603 en ca. 1621-1628
 
Compagnie nr.
* Wigle van Hania (*ong.1570-
U1630)
* Kapitein van ?-1628

* Voorganger: ?
* Opvolger: zijn zwager Bonefaes van Scheltema
* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Weidum?


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
Tot nu verschenen in deze serie:


dinsdag 30 april 2019

Friese kapiteins (12) - Frans van Cammingha


Friese kapiteins (12) : Frans van Cammingha

In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Achtergrond
Frans van Cammingha werd geboren omstreeks 1575, dus bijna aan het begin van de 80-jarige oorlog, waarschijnlijk te Leeuwarden.
Zijn ouders waren Sybrant van Cammingha en Catharina van Donia, die op het Camminghahuis te Leeuwarden woonden.
Sybrant was grietman van Leeuwarderadeel, echter in 1587 is hij ook hopman (kapitein) over een compagnie soldaten in het Friesche Nassause Regiment.
In 1599 is hij aanwezig bij vermoedelijk het verlovingsfeest van Tjerck van Herema en Luts van Walta.
Tijdens die gelegenheid krassen 22 personen hun naam op een zogenaamde hensbeker.  Deze beker was in 2018 te zien in 'Tussen kunst en kitsch' en is in april dit jaar aangekocht door het Fries Museum.
De Friese hensbeker uit 1599

'Fransiscus a Kamminga' op de hensbeker.


Frans huwde op 20 mei 1604 te Leeuwarden met Rixt Binnerts van Heringa, die wellicht geboren is op het familiebezit Aebinga State te Hijum.
Haar broer Binnert woonde er waarschijnlijk ook nog en was de laatste mannelijke van zijn geslacht. Met Rixt stierf het geslacht in 1654 definitief uit.
In 1606 overlijdt zijn ongehuwde oom Wytze van Cammingha, die het (2e) Camminghahuis te Leeuwarden en Groot Dotinga te Dronrijp aan Frans gunde.
Op 4 januari 1610 komt Frans al op jonge leeftijd te overlijden zonder kinderen na te laten.

Het Tweede Camminghahuis te Leeuwarden aan de kerkstraat.

Militaire carrière
Frans zijn vader komt al jong te overlijden, namelijk in 1593.
Frans zou dan 18 jaar kunnen zijn geweest en nam toen de compagnie over van zijn vader en werd dus kapitein.
Hiervoor is hij vermoedelijk nog kort vaandrig en luitenant geweest in dezelfde compagnie.
Reeds in 1601 komen we hem tegen als kapitein bij het Beleg van Rijnberk.
Hetzelfde jaar is hij ook present bij de veldtocht naar naar Brabant, waar hij valt onder Caspar van Ewsum die zes 'vaandels' leidde.
Wellicht is Frans hierna nog aanwezig bij het Beleg van Oostende, die duurde van 1601-1604.
Het lukte de Staatse legers helaas niet het beleg te breken, zodat de stad zich uiteindelijk overgaf aan de Spaanse legerleider Spinola. Dit was het beleg die het langst duurde en de meeste slachtoffers eiste gedurende de gehele 80-jarige oorlog.
Van 1604-1607 vinden we Frans in de Duitse garnizoensstad Emden.

Familiewapen

Familiewapen Van Cammingha
(Stamboek van den Frieschen Adel)


Familieleden in het leger
  • Sybrant van Cammingha (ong. 1550-1593), zijn vader, was zoals al vermeld kapitein.
  • de broer van Rixt, Binnert van Heringa (1583-1638) was kapitein
  • Frans van Donia (ong. 1580-1651) was zijn volle neef en volgde Frans op als kapitein.
Vaandel

Vaandel in gebruik ca. 1600 door de compagnie van Frans van Cammingha

Compagnie nr. 7
* Frans van Cammingha (*ong.1580-
U1610)
* Kapitein van 1593?-1610

* Voorganger: Sybrand van Cammingha (vader)
* Opvolger: Frans van Donia (neef)
* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Leeuwarden: (2e) Cammingahuis

 


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
Tot nu verschenen in deze serie:

  1. Jacob van Roussel
  2. Adriaen Slijp
  3. Bonifacius van Scheltema
  4. Ludolf Potter
  5. Frans van Roussel
  6. Abbe van Bootsma
  7. Jan Sageman
  8. Juw van Eysinga
  9. Frans Harinxma van Donia
  10. Lolle van Ockinga
  11. Taecke van Hettinga
  12. Frans van Cammingha


Zoeken in deze blog