Posts tonen met het label dootboeck. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dootboeck. Alle posts tonen

dinsdag 16 juli 2019

Friese kapiteins (24) : Juw van Harinxma


Friese kapiteins (24) : Juw van Harinxma

In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Achtergrond
De familie Harinxma behoort tot de oude Friese adel, die eeuwenlang het Friese adellijke toneel beheerst heeft.
De achternaam Harinxma komt van de voornaam Haring, die altijd een populaire naam was in deze familie.
Deze tak van de Harinxma's woonde te Heeg en werd daarom ook wel 'Harinxma thoe Heeg' genoemd.
Eeuwenlang woonden zij op de Harinxmastate in Heeg en opvallend is dat bijna alle bewoners/eigenaren officier in het Staatste leger waren.
Juw van Harinxma werd omstreeks 1575 geboren als zoon van kapitein Haring van Harinxma en Wisck Uninga van Hoytema.
Hij werd ook wel met de Latijnse naam Jovius genoemd.
Hij trouwde in 1605 met Bauck van Martena, die reeds weduwe van de Groninger kapitein Evert Entens was.
Deze Evert was in 1602 al 'substituut hopman' van zijn schoonvader Doecke van Martena en wellicht was het de bedoeling dat hij de compagnie van zijn schoonvader zou overnemen. Aangezien Evert al in 1604 kwam te overlijden, hertrouwde Bauck al vlot met 'onze' Juw van Harinxma, die in 1605 de compagnie van zijn schoonvader overnam.
Het huwelijk van Juw en Bauck bleef kinderloos.
De oudste zoon van zijn broer Douwe heette weer Haring en Juw was de 'suikeroom' van deze Haring.
Juw betaalde namelijk flink voor de 'grand tour' die Haring omstreeks 1626 door Europa maakte.
Op 3 juli 1626 overleed Juw en werd hij begraven in de kerk te Heeg. Zijn grafsteen is waarschijnlijk niet bewaard gebleven, want deze staat niet vermeld bij de zogenaamde 'grafschriften' die ook ooit in Heeg zijn gemaakt. Dit is wellicht gedaan toen de kerk omstreeks 1960 zijn huidige houten vloer kreeg en alle zerken eronder verdwenen.

De Hervormde kerk was overigens een heuse 'familiekerk' van de Harinxma's, omdat er vele grafzerken op de vloer lagen. Daarnaast waren er in 1833 nog 11 rouwborden aanwezig, ongetwijfeld van deze familie, die later helaas allemaal zijn verdwenen. Verder verkocht de familie hun eeuwenoude herenbank in 1819 aan de kerkvoogdij van Heeg. In 1960 is de kerk dus flink verbouwd, waarbij de oude banken zijn vervangen door nieuwe (...).

Zijn overlijden is nog vermeld in het zogenaamde 'dootboeck' van Ernst Harinxma van Donia:
'
3 Julii [1626] verongeluckte [ ] Harinxma grietman van Wimbritzeradeel onder een hoeywaegen buyten Sneeck'


Harinxma State te Heeg

(tekening door J. Stellingwerf, ong. 1723, met de tekst:
'huis van den vaendrigh hr. Feio Harinxma te Heeg in Wimbritzeradeel')

Militaire carrière
Op 3 oktober 1605 wordt hij benoemd als kapitein in het Friese Nassause Regiment.
Hij volgt dan kapitein Doecke van Martena op die op 11 november 1605 zou overlijden en dus al een poosje ziek zal zijn geweest en overigens toen 78 jaar oud was.
Normaliter bepaalden de Friese Staten wie de opvolger werd, maar aangezien Juw gehuwd was met de dochter van Doecke, zal dat in zijn geval wel geholpen hebben om de eervolle functie van kapitein te bemachtigen.
Op 25 januari 1622 volgde de latere kolonel Jacques van Oenema hem weer op als kapitein.

Bestuurlijke carrière
Zoals vele anderen, ambieerde ook Juw nog een bestuurlijke carrière. In 1621 overleed de toenmalige grietman van Wymbritseradeel, Duco (of: Doecke) van Botnia. Voor Juw was dit de kans om in zijn eigen gemeente grietman te kunnen worden.
Heel lang heeft hij deze functie niet kunnen uitoefenen, want reeds in 1626 verongelukt Juw in Sneek.

Familiewapen
Familiewapen Harinxma thoe Heeg
(Stamboek van den Frieschen Adel).


Commandostaf
In de online-collectie van het Fries Museum is een commandostaf uit Harlingen aanwezig met daarop een paar teksten en wapens.
Hierop staan de namen van zowel Jovius van Harinxma als zijn schoonvader Duco van Martena vermeld, alsmede hun wapens.

De tekst is als volgt: 'Ducke van Martena drost van Harlingen en hopman Ao 1604'  en 'naer lyden compt verblyden, Jovius van Haringsma hopman Ao 1609'
En nog een bijbelse tekst:
'Wyst my heere uwen wech dat ick wandele in uwer waerheit behout min heerten by den eningh dat ick uwen naeme vresse psalm 86:11'


Commandostaf uit Harlingen, met o.a. naam Juw van Harinxma erop

Familieleden in het leger
  • zijn vader Haring van Harinxma (ong. 1510?-1569) was kapitein
  • zijn broer Douwe van Harinxma (ong. 1568-1639) was kapitein
  • zijn schoonvader Doecke van Martena  (1527-1605) was watergeus en kapitein
  • 'neef' Haring van Harinxma (1604-1669) was kapitein
  • 'neef' Lodewijk van Harinxma (1606-1670) was kapitein
  • nicht Aelcke van Harinxma huwde kapitein Rienck van Adelen(1610-1656).
Vaandel
niet bekend.
Compagnie nr.
* Juw van Harinxma (*ong. 1575-
U1626)
* Kapitein van 1605-1622

* Voorganger: Doecke van Martena
* Opvolger: Jacques van Oenema
* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Heeg
 


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
Tot nu verschenen in deze serie:

zaterdag 11 mei 2019

Friese kapiteins (14) - Arent van Arentsma


Friese kapiteins (14) : Arent van Arentsma

In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Achtergrond
Arent van Arentsma werd omstreeks 1565 geboren, waarschijnlijk te Leeuwarden. Zijn ouders waren Gijsbertus Alberts van Arentsma (1526-1596) en Tieth Arents (of: Arentsma). Gijsbertus was burgemeester van Leeuwarden in 1556 en later raadsheer van het Hof van Friesland. Deze Gijsbertus hetrouwde na het overlijden van zijn vrouw nog met een Machteld Boeymer en werd begraven in de Galileërkerk te Leeuwarden.
Op 23 juni 1583 komen we Arent tegen als student aan de Universiteit van Leiden met de naam 'Arnoldus Aernsma'

Omstreeks 1595 zal hij gehuwd zijn met Margaretha Fockens (ong. 1570-<1615), dochter van Hepcke Fockens en Martje Martini.
Hepcke was de grietman van Opsterland en woonde waarschijnlijk op het stamslot Fockens State in Beetsterzwaag.
Uit zijn huwelijk zijn vijf kinderen bekend: Gijsbertus, Machteld, Margaretha, Mary en Auck. 
De relatie met zijn zoon Gijsbertus was nogal moeizaam, waardoor de Raadsheer Johannes Saeckma zich nogal bekommerde over zijn 'oogappel'.

Waarschijnlijk is Arent in 1617 overleden, want op 15 augustus van dat jaar volgt Homme van Hettinga hem op als kapitein van zijn compagnie.
Er is wat onduidelijkheid over zijn sterfdatum, omdat hij waarschijnlijk nog een broer heeft gehad met de naam Albert, die ook kapitein was.
Deze Albert, die waarschijnlijk ook kapitein was, overleed op 4 december 1606 volgens het 'Dootboeck' van Ernst Harinxma van Donia.
De kans is echter aanwezig dat het hier om dezelfde persoon gaat.
Helaas is zijn grafsteen niet bewaard gebleven en hebben we ook geen schilderij of afbeelding van Arent. Ook zijn er in het geheel geen schilderijen of andere voorwerpen van de familie Arentsma bekend.

De familienaam Arentsma wordt ook wel als Aernsma geschreven en de familie wordt gerekend tot de oude Friese adel.
Helaas stierf de familie al vroeg uit in 1631, met het overlijden van zijn zoon Gijsbertus.

Militaire carrière
Op 17 april 1595 is zijn benoeming door de Friese Staten als kapitein, toen hij Mathijs Egberts (alias: Cnoop) opvolgde, die afkomstig uit het Duitse Emden was.
De kans is dan ook groot dat Arent eerst als vaandrig en luitenant diende onder deze Matthijs.
In het jaar 1600 was Arent aanwezig bij de beroemde Slag bij Nieuwpoort.
Het jaar erop, 1601, gaat hij met zijn compagnie op veldtocht naar Brabant, waar hij onder Quirijn de Blau valt die zes compagnieën onder zich heeft.
Dat jaar treffen we we hem aan bij het beleg van Rijnberk.
Hierna horen we even niets van hem, maar vanaf 1609 is er dan ook het Twaalfjarig bestand met Spanje.
Zoals hierboven reeds gemeld overlijdt hij in 1617 en volgt Homme van Hettinga hem op als kapitein.

Familiewapen
Het familiewapen bestaat slechts uit een vleugel, wellicht van een Arend.
Ook het helmteken is dezelfde vleugel.
Het is hierdoor een zogenaamd 'sprekend' wapen.


Familiewapen Van Arentsma
(Stamboek van den Frieschen Adel)


Familieleden in het leger
  • Waarschijnlijk een broer Albert van Arentsma (?-1606), kapitein.
  • Zoon Gijsbertus van Arentsma (1597-1631) was kapitein
  • Dochter Margaretha van Arentsma (ong. 1602-?) huwde kapitein Sybren van Walta (ong. 1600-<1645)
Vaandel
vaandel compagnie Arent van Arentsma, in gebruik ca. 1602

Compagnie nr. 10
* Arent van Arentsma (*ong. 1565-
U1617?)
* Kapitein van 1595-1617

* Voorganger: Mathijs Egberts, alias Cnoop
* Opvolger: Homme van Hettinga
* Hoogste militaire functie: kapitein
* Woonplaats: Leeuwarden?
 


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
Tot nu verschenen in deze serie:

  1. Jacob van Roussel
  2. Adriaen Slijp
  3. Bonifacius van Scheltema
  4. Ludolf Potter
  5. Frans van Roussel
  6. Abbe van Bootsma
  7. Jan Sageman
  8. Juw van Eysinga
  9. Frans Harinxma van Donia
  10. Lolle van Ockinga
  11. Taecke van Hettinga
  12. Frans van Cammingha
  13. Wigle van Hania
  14. Arent van Arentsma

zondag 24 februari 2019

Friese kapiteins (3) : Bonefacius van Scheltema


In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Friese kapiteins (3) : Bonefacius van Scheltema

Zijn voornaam Bonefacius doet nogal katholiek aan, maar deze rasechte Friese kapitein zal 100% protestant zijn geweest. Hij vocht dan ook zijn leven lang tegen de Spanjaarden gedurende de 80-jarige oorlog. Hij werd geboren omstreeks 1580 als zoon van Syds van Scheltema en Tjemck van Aylva. Zijn wieg stond waarschijnlijk in Bornwird waar zijn ouders toen op Minnoltsma State woonden. Dit kasteel was afkomstig uit zijn moeder haar familie en de schitterende grafzerk van zijn grootouders Frans van Aylva en Rixt van Unia is nog in de kerk van Bornwird te bewonderen.

Ook Bonefacius zal zijn militaire carriere zijn begonnen als vaandrig in één van de Friese compagnies. We weten dat hij op 3 januari 1618 als luitenant werd benoemd in de compagnie van een Hania; dit zal ongetwijfeld Wigle van Hania zijn geweest. De kans is dan groot dat hij dan ook vaandrig onder zijn zwager Wigle was, immers deze kapitein was omstreeks 1600 gehuwd met zijn oudere zus Aaltje van Scheltema.

In 1620 liep hij als luitenant mee in de lijkstatie van de Friese stadhouder Willem Lodewijk (ús Heit) van Nassau, die de Friese regimenten aanvoerde.

Als luitenant trad hij op 29 januari 1626 te Leeuwarden in het huwelijk met Frouck van Goslinga, dochter van Feye Sipts van Goslinga en Tjets Uninga van Hoytema.
Het ongetwijfeld grote feest werd gehouden in het Feytsmahuis in de kerckstraat, aldus het zogenaamde 'dootboeck' van edelman Ernst Harinxma van Donia.
Op 5 april 1628 volgde voor Bonefacius zijn hoogtepunt toen hij werd aangesteld als kapitein van een eigen compagnie in het Friese Nassause Regiment.
Hij volgde toen zijn zwager Wigle van Hania op die toen zijn einde zal hebben voelen naderen, omdat hij in mei 1627 zijn testament opmaakte. Twee jaar na zijn 'resignatie' overleed Wigle en werd hij begraven in de kerk te Weidum. Zijn grafsteen is echter nog steeds in volle glorie te bezichtigen.
In het Koninklijk archief van stadhouder Ernst Casimir bevindt zich een brief van 'de militair Scheltema betreffende de huisvesting van zijn compagnie', vermoedelijk omstreeks 1630.

In 1631 kochten hij en zijn vrouw Doniahuize te Dantumawoude van zijn collega hopman Taecke Lieuwes. Hun huwelijk bleef kinderloos.

In januari 1633 was de grote lijkstatie van stadhouder Ernst Casimir te Leeuwarden waarin alle Friese kapiteins acte de presance gaven.
Dus liep ook Bonefacius van Scheltema mee in deze rouwstoet.

Niet veel later, op 28 augustus van hetzelfde jaar, kwam er een einde aan het leven van deze hopman. Bonifacius overleed volgens een brief van Meinardus van Aitzema in het fort Crevecouer bij Den Bosch. Die stad was in 1629 door het Staatse leger succes omsingeld en vervolgens veroverd op de Spaansen. Het fort had hierbij een belangrijke functie vervuld en zal vervolgens bemand zijn geweest door één of meerdere compagnies.

Fort Crevecoeur, 1673

Zijn weduwe, de eerder genoemde Frouck van Goslinga hertrouwde in 1635 Marcus van Aitzema, burgemeester van Dokkum. Zijn vader had dit huwelijk al een poosje in gedachten en eerder al getracht haar aan zijn andere zoon Schelte te koppelen.

Familiewapen
Familiewapen Scheltema
(Stamboek van den Frieschen Adel)


Familieleden in het leger
  • Zijn zus Aaltje van Scheltema huwde omstreeks 1600 met hopman (=kapitein) Wigle Dyes van Hania (ong. 1570-1630)
  • Zijn zus Ursel van Scheltema huwde ong. 1585 vaandrig Werp van Tjessens
  • Zijn broer Schelte van Scheltema (geb. omstreeks 1570) was ook kapitein in het Friese Nassause regiment.
  • Zijn zwager Hoyte van Goslinga was luitenant.
Compagnie nr. 17
* Bonefacius van Scheltema (ong. 1580-1633)

* Kapitein van 1628-1633

* Voorganger: Wigle van Hania
* Opvolger: onbekend
* Hoogste functie: kapitein
* Woonplaats: Dantumawoude

 
Meer informatie:
www.andrebuwalda.nl


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.

Zoeken in deze blog