Posts tonen met het label dronrijp. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dronrijp. Alle posts tonen

donderdag 13 februari 2020

Friese kapiteins (45) : Douwe van Glins

Friese kapiteins (45) : Douwe van Glins


In deze serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden.
Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie meestal nog niet eerder een minibiografie is verschenen.


Achtergrond
De familie Van Glins behoorde tot de Friese adel en had hun stamhuis 'State Glins' in Dronrijp.
Aan het eind van de 17e eeuw stierf de familie echter al uit.
Vermoedelijk hertrouwde Rienck van Glins (overleden na 1474) met Both van Hobbema, waardoor ook het nabije Hobbema State in handen van deze familie kwam.
Omdat beide states dus in Dronrijp stonden, is het niet altijd duidelijk op welke state wie nu exact woonde.


'Hobbema State van den hr. Sjuk van Humalda, onder dronrijp'
Tekening J. Stellingwerf, 1723
Douwe van Glins werd omstreeks 1550 geboren in Dronrijp, als een zoon van Laes van Glins en Wilsck Uninga van Hoytema.
Vermoedelijk woonden zijn ouders op State Glins te Dronrijp, waarvan helaas geen afbeelding bekend is.

Omstreeks 1570 trouwde Douwe met Tjets van Galama, die op 4 juli 1527 te Mantgum geboren was.
Zij woonden op State Glins, die ook wel ''t blauwhuys' werd genoemd.
Op de bekende atlas van Schotanus staan beide namen bij de state vermeld.

Tjets was een dochter van Gale van Galama en Foeck van Hoxwier, die woonden op State Hoxwier te Mantgum.
Hun huwelijk bleef kinderloos.
Douwe werd in 1573 geëxecuteerd (daarover verderop meer) en Tjets overleed in 1581.


Omgeving van Dronrijp met de vele states in de directe omgeving.
Groot Dotinga (later Schatzenburg), Hobbema, Fetsa, Osinga, Foppinga, Hommema en Glins.

Militaire carrière
In 1566 ondertekende Douwe het Smeekschrift van het Verbond der Edelen, om de maatregelen tegen de zogenaamde ketters te stoppen.
Ook o.a. kapitein Here van Hottinga uit Tzum was hierbij aanwezig.
In 1567 moest Douwe hierdoor vluchten en in juni van dat jaar vestigt hij zich met zijn gezin in het Duitse protestantse bolwerk Emden.
Op 9 januari 1568 wordt hij in Friesland gedagvaard en even later door het Hof van Friesland verbannen.
Niet veel later, op 30 januari, verdedigde Douwe zich vanuit Emden tegen deze oproeping.
Op 8 september 1568 werd zijn naam in Leeuwarden aangeslagen.
Vervolgens kreeg hij in 1569 een kaperbrief en voegde hij zich bij de Watergeuzen.
In oktober 1569 neemt hij in de Borkumer Balg een schip over en op 13 april 1570 nam hij twee schepen op het Uithuizer Wad in.

Het kon echter verkeren, want op 25 april van datzelfde jaar ontnamen de Oostfriezen hem weer drie schepen.
Douwe werd hierbij gevangen genomen, maar later weer vrijgelaten.
Op 1 april. 1572 was hij aanwezig bij de inname van Den Briel.
Helaas voor hem, werd hij op 25 mei 1573 gevangen genomen bij Rottum.
Vervolgens werd hij naar Groningen gevoerd, waar hij op 20 mei onthoofd werd.

Familiewapen
familiewapen Glins
(stamboek van den Frieschen Adel)


Familieleden in het leger

  • zijn zwager Seerp van Galama (1528-1581) was watergeus
  • zijn zwager Hartman van Galama (1533-1568) was waarschijnlijk ook een watergeus.
  • zijn schoonzus Wick van Galama was met de bekende watergeus Jelle van Eelsma (1539-1573) gehuwd.
  • zijn oomzegger Aleyd van Glins was in 1614 gehuwd met kapitein David Fludde
  • zijn oomzegger Abbe van Glins (ong. 1580-1621) was vaandrig
  • zijn oomzegger Laes van Glins (ong. 1580-?) was vaandrig
Vele zonen van zijn oomzegger Laes van Glins (1580-1652) werden officier, maar ook twee dochters huwden kapiteins. Dit zijn de volgende personen:


1. Ruurd van Glins (ong. 1615-1669) werd kapitein
2. Bauck van Glins (ong. 1619-1655) huwde luitenant Binnert van Roorda
3. Sjoerd van Glins (1621-1677) werd luitenant
4. Taecke van Glins (1625-1660) werd kapitein
5. Wopcke van Glins (ong. 1627-1663) werd luitenant
6. George van Glins (ong. 1629-1665) werd kapitein
7. Ymck van Glins (ong. 1635-1663?) huwde kapitein Dirck van Wigara

Vaandel
niet bekend.

Compagnie nr. ?
*  geb. ong. 1550 -U1573
* watergeus
* Voorganger: ?
* Opvolger: ?
* Hoogste militaire functie:
* Woonplaats: Dronrijp

Bronnen / meer informatie
http://www.mpaginae.nl/Nauta/kapiteins.htm
http://www.simonwierstra.nl/GLINS.htm
http://www.stinseninfriesland.nl/GlinsDronrijp.htm
http://www.stinseninfriesland.nl/HobbemaStateDronrijp.htm



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
 
Friese Nassause Regiment
Kapitein

  1. Jacob van Roussel
  2. Adriaen Slijp
  3. Bonifacius van Scheltema
  4. Ludolf Potter
  5. Frans van Roussel
  6. Abbe van Bootsma
  7. Jan Sageman
  8. Juw van Eysinga
  9. Frans Harinxma van Donia
  10. Lolle van Ockinga
  11. Taecke van Hettinga
  12. Frans van Cammingha
  13. Wigle van Hania
  14. Arent van Arentsma
  15. Wopcke van Herema
  16. Willem van Inthiema
  17. Ids van Eminga
  18. Seerp van Dijxtra
  19. Sybren van Walta
  20. Tiete van Galama
  21. Jacques van Oenema
  22. Sybe van Aylva
  23. Jan van Burmania
  24. Juw van Harinxma
  25. Jarich van Hottinga
  26. Epe van Heemstra
  27. Damas van Loo
  28. Douwe van Andringa
  29. Rienck van Dekema
  30. Ruurd van Feytsma
  31. Binnert van Heringa
  32. Wybren van Roorda
  33. Johan van Bonga
  34. Idzart van Grovestins
  35. Frans Aebinga van Humalda
  36. Hans van Oostheim
  37. Jan van Idsaerda
  38. Gosewijn van Wiedenfelt
  39. Tjalling van Sixma
  40. Georg Frederick thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg
  41. Doecke van Hemmema
  42. Philip van Boshuizen
  43. Harmen van Wonsdorp
  44. Willem van Haren
  45. Douwe van Glins

Friese Nassause Regiment
Luitenant
  1. Rienck van Sytzama
Groninger Nassause RegimentKapitein
  1. Boiocko van der Wenghe
Hoogduitse Nassause Regiment
Kapitein


woensdag 18 september 2019

Friese kapiteins (27) : Damas van Loo


Friese kapiteins (27) : Damas van Loo

In deze serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 


Achtergrond
De familie Van Loo is een oude adellijke familie, afkomstig uit Dordrecht. Zij bekleedden daar belangrijke functies zoals landsadvocaat van de Staten van Holland.
In 1515 was een Albrecht van Loo Raadsheer bij het Hof van Friesland en hij was de stamvader van de Friese tak.
Op 27 februari 1605 werd Dammas van Loo gedoopt te Haarlem, als zoon van Arent van Loo en Hester van Aylva.
Zijn voornaam wordt later ook wel Damas, Dam(m)us of Adamus geschreven, maar Damas lijkt de meest gebruikte.

Doopakte Damas van Loo te Haarlem op 27-2-1605

Op 30 oktober 1642 huwde Damas in Utrecht met Cornelia van Abcoude van Meerthen. Zij was op 14 juli 1621 geboren te Wijk bij Duurstede als dochter van Johan van Abcoude van Meerthen, die maarschalk van Utrecht was.
Toen was een maarschalk geen militaire functie maar de hoogste rechterlijke, bestuurlijke en militaire ambtenaar onder de Bisschop van Utrecht.

Trouwakte Damas van Loo en Cornelia van Abcoude van Meerthen te Utrecht, 30-10-1642


Uit dit huwelijk werden vier kinderen geboren:

1. Philippus van Loo, gedoopt op 26-10-1645 te Leeuwarden
2. Anna Wendel van Loo, gedoopt op 13-10-1648 te Leeuwarden
3. Arent Jan van Loo, gedoopt op 31-3-1650 te Leeuwarden
4. Maria Cornelia van Loo, gedoopt op 5-4-1651 te Leeuwarden

Al op 25 augustus 1652 overleed zijn vrouw Cornelia te Leeuwarden.
In 1655 hertrouwde Damas met Doedt van Burmania, dochter van grietman Bocke van Burmania en Frau van Burmania
Zij was weduwe van Assuerus van Heuckelom.
In 1650 was hij eigenaar en bewoner van de oostelijke vleugel van de voormalige Papinga Stins te Leeuwarden.
In 1654 kocht hij Foppinga State te Dronrijp, waarvan nog een afbeelding bewaard is gebleven.
Waarschijnlijk hebben zij echter al die jaren in Leeuwarden gewoond, omdat na Damas zijn overlijden in 1666, Doedt van Burmania als lidtmaat te Dronrijp wordt ingeschreven. Vanaf toen zal ze dus op Foppinga State hebben gewoond, waar vanaf 1677 ook haar stiefzoon Arent Jan van Loo en zijn vrouw His van Aylva woonden.


Lidmatenboek Dronrijp: inschrijving op 11 mei 1666 van weduwe Doed van Burmania.


Foppinga State te Dronrijp. In 1723 getekend door J. Stellingwerf.
De woning was toen eigendom van Jets Maria Sirtema van Grovestins, weduwe van Arent Rutgers van Haersolte.


Heer van Hodenpijl
De familie Van Loo was enkele generaties lang 'Heer van Hodenpijl'.
Het huidige buurtschap Hodenpijl ligt in de provincie Zuid-Holland, tussen Schipluiden en Den Hoorn.
De toenmalige familie Hodenpijl had hier tot in de 14e eeuw een kasteel, die na verwoesting nooit meer werd opgebouwd.
Het Schoutambacht van Hodenpijl had 'oom' Albert van Loo via zijn moeder Maria van der Mijle geërfd.
'Vader' Arent van Loo (1559-1642) werd op 24 juni 1621 Ambachtsheer van Hodenpijl, nadat die zijn broer Albert was overleden.
Hij kreeg hierbij 'hulde' van een Job Dammas van Slingelandt uit Dordrecht, een uiterst invloedrijke familie.
In de 15e eeuw was de familie Van der Mijle al verwant aan deze Slingelandts, want de opvallende voornaam Dammas komt dan ook reeds voor in de genealogie Van der Mijle.

Militaire carrière
In 1630 was hij hofjonker van stadhouder Ernst Casimir en op 15 juli 1631 werd hij de eerste kapitein-luitenant van de toen opgerichte Friese Garde.
In 1633 legde Damas de eed van kapitein af, maar pas op 25 juni 1636 kreeg hij zijn eigen compagnie toen hij kapitein Hessel Hotzes van Aysma opvolgde.
In 1642 was hij volgens zijn trouwakte Commandeur van de Langackerschans in Groningen, een functie die meestal aan kapitein werd gegund en doorgaans voor drie jaar was.
Op 10 april 1645 werd hij majoor, waarbij hij Menno Houwerda van Meckema opvolgde.
Op 3 april 1648 werd hij benoemd als Luitenant-Kolonel (overste) van het Friese regiment, waarbij hij Michael Potter opvolgde.
In 1654 schreef de Friese Stadhouder Willem Frederik een brief aan luitenant-kolonel Damas van Loo, die nog in het Koninklijk archief bewaard wordt.
Hij werd na zijn overlijden opgevolgd door kapitein Oene van Teyens.

Lijkstatie Ernst Casimir
De Friese stadhouder Ernst Casimir overleed bij Roermond in juni 1632. Zijn bijzetting in de Grote Kerk van Leeuwarden was pas in januari 1633 daaropvolgend. Deze zogenaamde lijkstatie is destijds prachtig nagetekend, waarbij ook alle aanwezigen vermeld werden.
Hieruit blijkt dat Damas van Loo kapitein was van de gardecompagnie, de 'elite compagnie' van de stadhouder.
Verder liepen ook zijn vader Arent van Loo 'Heer van Hoden-Pijl' en zijn jongere broer, luitenant Arent van Loo, mee in deze lijkstatie.

Doen nu alles ghereet was, begost de Guarde van w. Sijn Genade, die in den rou waer, met om-gekeert ende sleypende Geweer, heel langhsaem ende truyrich te marcheren; wordende geleydet door Jr. Damas van Loo, sijnen Capiteyn Lieutenant; daer, onder anderen, d'ontwondene Rou-Vaendel van swart Armozijn, (die door den Vaendrich Jr. Evert van Haren, langs de Aerde heel droevich door de slijck gesleypt wierde) menige Aenschouwers de Tranen uyt d'Ooghen dede barsten.

Lijkstatie Ernst Casimir januari 1633,
Detail van de Friese Garde met Jhr. Damas van Loo in het midden op de voorgrond.


Familiewapen
Familiewapen Van Loo
(Stamboek van den Frieschen Adel)

Rouwbord
Op de site van de overleden Simon Wierstra, wordt melding gemaakt van het rouwbord van Damas van Loo. Het zou zich bevinden in het archiefdepot van het hoofdkantoor van de Rabobank.
Uit de foto op de site blijkt dat zijn zestien kwartierwapens erop zijn afgebeeld.

Rouwbord van Damas van Loo
(archiefdepot Rabobank Nederland).

Familieleden in het leger
  • Zijn broer Boudewijn van Loo (ong. 1600-1647/1648) was kapitein
  • Zijn broer Gerrit van Loo (ong. 1610-1645) was kapitein
  • Zijn broer Arent van Loo (Ong. 1610->1656) was kapitein
  • Zijn zwager Ernst van Aylva (ong. 1620-1665), gehuwd met Jacomine van Loo, was kapitein
  • Zijn zwager Douwe van Burmania (ong. 1610-1633) was luitenant onder luitenant-kolonel Schelte van Aysma
  • Zijn zwager Poppe van Burmania (ong. 1610-1638) was kapitein, sergeant-majoor
  • Zijn zwager Poppe Martijn van Andreae (1615-1645) was kapitein

Vaandel
niet bekend

Compagnie nr. 6
* Damas van Loo (*1605 -
U1666)
* Kapitein van 1636-1666

* Voorganger: Hessel Hotzes van Aysma
* Opvolger: Oene Teyens
* Hoogste militaire functie: luitenant-kolonel
* Woonplaats: Dronrijp, Leeuwarden
 


Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
Tot nu verschenen in deze serie:

Groninger Nassause Regiment

vrijdag 4 januari 2019

Sassinga State te Hennaard

In het kleine dorpje Hennaard in de gemeente Littenseradeel stond voorheen de Sassinga State.
De meest bekende site over States en Stinsen in Friesland, heeft er ook een pagina aan besteed , zie http://www.stinseninfriesland.nl/SassingaState.htm

Deze site van Kees Braaksma is meestal een goed begin voor een verdere speurtocht. Echter bij Sassinga State is de informatie nogal beperkt. Tijd voor een kleine update via deze blog.

In 1476 overleed op Sassinga State Hans Ottes Sassinga.
Hierna komen we zijn zoon Hans van Sassinga tegen, die omstreeks 1500 op Sassinga State zal hebben gewoond, gezien zijn achternaam. De bekende (maar niet altijd even betrouwbare) site van Jellema (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-jellema/I34851.php) geeft meer kinderen aan, maar waarschijnlijk had alleen zijn dochter Doutzen Sassinga nakomelingen. Via haar zal Sassinga State dan zijn vererfd in de familie.
Deze Doutzen was gehuwd met Ruurt van Roorda en van hun is bekend dat zij in Hennaard woonden.  Ruurt staat in 1574 met zijn naam vermeld op de 'Stiennen Man' te Harlingen.

Zij hadden een zoon Hans van Roorda, die vernoemd werd naar zijn grootvader Hans Sassinga.
Hij woonde op Sassinga State te Hennaard en ook hij wordt genoemd op bovengenoemde 'Stiennen Man' te Harlingen. Hij was in 1563 gehuwd met Rixt van Gerbranda.

Uit dit huwelijk kwam een zoon, Ruurt van Roorda, geboren omstreeks 1575. Hij huwde zijn nicht Deytsen Binnerts Heringa van Camstra in 1599. Zijn vrouw was vernoemd naar hun beider oma, Doutzen Sassinga. Het is niet bekend waar zij woonden, maar wellicht dus op Sassinga State.

Zij hadden twee zonen die beiden in het Staatse leger dienden. De jongste zoon Jan van Roorda (ook: Johan) was kapitein in het Friese Nassause Regiment. Verder was hij van 1663-1665 Commandeur van de Langackerschans. Zijn woonplaats is niet bekend, maar wellicht was dit Sassinga State.
Hun andere zoon was Binnert van Roorda (ong. 1600-1667), die in 1645 luitenant in de compagnie van kapitein Ernst van Aylva was. Hij woonde te Dronrijp met zijn vrouw Bauck van Glins.

NB: Deze Bauck had overigens maar liefst vier broers die als officier in het Friese leger dienden, maar dramatisch genoeg allemaal binnen 9 jaar overleden. De jongste, George Glins, overleed in 1665 in de Langackerschans, dus was hij daar tegelijk als bovengenoemde familielid Jan van Roorda.

Binnert en Bauck kregen in 1645 een dochter die weer Deytzen heette. In 1677 huwde zij voor de 2e keer met Sjuck Aebinga van Humalda, afkomstig van Humalda State te Ee waar ze tijdens hun huwelijk dus woonden. In 1702 overleed ze echter als weduwe te Hennaard, dus dat zal dan waarschijnlijk op Sassinga State zijn geweest.

Uit haar huwelijk met Sjuck werd in 1678 te Ee Frans Binnert Aebinga Glins van Humalda geboren. Hij trouwde in 1699 in de kerk te Hennaard (!) met Clara Feyone van Grovestins, dochter van de grietman van Hennaarderadeel. Hij was de eigenaar van Sassinga State, terwijl hij ook nog Hobbema State te Dronrijp van zijn moeder erfde. Hier zal het stel hebben gewoond omdat hun kinderen in Dronrijp werden geboren.

In het overlijdensjaar van Clara, dus 1723, maakte de bekende tekenaar Jacobus Stellingwerf een tekening van Sassinga State. Alhoewel Jacobus 'vergat' de naam van de state te vermelden, noteerde hij wel dat de state in Hennaard stond en eigendom was van 'heer Glins van Humalda'.  Iemand heeft later de naam Sassinga met potlood op de originele tekening gezet, die in het prentenkabinet van het Fries Museum aanwezig is.
(NB: opvallend genoeg is deze tekening op internet verder niet te vinden!).

Sassinga State te Hennaard in 1723


Verder noteerde de kunstenaar nog de bewoner van de State, namelijk een Juffr. Ockinga.
De 'titel' juffrouw of juffer, betekende dat ze ongehuwd was. Feitelijk komt hier dan maar één persoon voor in aanmerking namelijk Sophia Amelia van Ockinga (1651-1730). Zij was de laatste van het geslacht Ockinga en ze bleef ongehuwd. In 1730 werd ze bijgezet in het familiegraf in de kerk te Burgwerd. Ze kwam uit een echt militair gezin, want haar drie broers waren officier en haar zus huwde een luitenant.

De vraag hoe zij nu op een state kwam te wonen in Hennaard is te verklaren. Sophia was namelijk een achternicht van eigenaar Frans Aebinga van Humalda doordat hun beider opa's broers waren.
De familiestate in Hennaard bleef op die manier bewoond door familie, iets wat wel vaker voorkwam.

In 1709 werd Binnert Philip Aebinga van Humalda te Dronrijp geboren, als zoon van Frans en Clara.
Binnert, die in 1766 de topfunctie generaal-majoor in het leger kreeg, huwde in 1752 met Catharina Johanna van Sminia. Zij woonden in 1756 in Leeuwarden omdat in dat jaar aldaar hun dochter Clara Tjallinga werd geboren. Waarschijnlijk was ook Binnert eigenaar van Sassinga State, zonder er te wonen.

Hun dochter Clara huwde in 1776 met Frans Julius Johan van Eysinga. Zij trouwden te Langweer en in dat dorp woonden ze in 1780 nog op Osinga State. Omstreeks 1619 was deze state gebouwd door oud-Schettenser Sijds van Osinga, die toen grietman van Doniawerstal was geworden.
Osinga State was later echter in het bezit van de familie Vegelin van Claerbergen gekomen. Frans erfde in 1773 dan ook de state van zijn grootvader grietman Johan Vegelin van Claerbergen toen die overleed. In 1800 staat Frans ook te boek als eigenaar van Sassinga State, maar ze zullen de state dus verhuurd hebben.

Hierna stopt het spoor op dit moment, maar de state was tegen die tijd al veranderd in een boerderij.
Dit was helaas het lot van heel veel oude Friese states.
De site van Braaksma vermeld nog dat in 1914 de boerderij afbrandde en dat toen ook het oude poortgebouw is afgebroken. Op de tekening van Stellingwerf is deze gelukkig nog afgebeeld.


States en kastelen in Friesland en daarbuiten


  1. Sassinga State te Hennaard

Zoeken in deze blog